Populaire berichten

maandag 3 mei 2021

Naastenliefde en Advaita (deel 1) , Douwe Tiemersma

Naastenliefde en Advaita (deel 1) 
 
Douwe: Heeft de Advaita Vedanta weinig oog voor het praktische samenleven en de naastenliefde daarin? Sommigen beweren dat, en dat is begrijpelijk, maar het is een misverstand. Het is de moeite waard om preciezer hiernaar te gaan kijken.
 
Je terugtrekken
De Advaita Vedanta is een stroming die teruggaat op de Upanishaden, de laatste onderdelen van de Veda’s. Zij zijn geschriften met het essentiële onderricht van goeroes aan besloten groepen van leerlingen. Het essentiële onderricht betreft de meditatie bij vuuroffers, maar vooral de identiteit van het echte zelf-zijn (Âtman) met de wereldgrond (Brahman). De realisatie van deze identiteit betekent bevrijding (moksa).

Daarop waren de mensen in die besloten groepen gericht. Zij waren uit de maatschappij gestapt om zich hieraan volledig te wijden. In India is er nog steeds een duidelijke, geaccepteerde plaats voor mensen die zich volledig toeleggen op dat wat ze zien als het essentiële. Iets dergelijks is er in het Westen ook, namelijk bij de monniken voor zover zij zich in kloosters terugtrekken. Dat er dan minder contact is met het alledaagse samenleven in de familie, het dorp, het land ligt dan voor de hand.

De terugtrekking uit de maatschappij stond in dienst van een spirituele weg. Talrijk zijn de benaderingen van het hoogste Brahman in de Upanishaden vanuit het fysieke, bijvoorbeeld via de energie (prâna), de geest, de goden en het zelf-zijn. Dit betekent een inkeer en meditatie die zover gaat dat alle verschijnselen met naam en vorm (nâmarûpa) worden overschreden. Pas in de realisatie van het absolute, Âtman-Brahman zonder eigenschappen, komt de beweging tot rust. Ten opzichte van dit hoogste is de wereld een erg betrekkelijke werkelijkheid van verschijnselen. Als men op deze wijze gericht is op het hoogste, is er weinig aandacht voor het concrete leven met andere mensen. De critici van Advaita Vedanta lijken gelijk te hebben.
 
Openkomen
Toch is er iets anders aan de hand. Laten we precies gaan kijken wat er gebeurt, als je je richt op het hoogste Zijn-Zelfzijn. Het is een meditatieve inkeer in de richting van de bron van zelf-zijn. Dit inkeren lijkt een zich afkeren van de wereld, maar wat gebeurt er werkelijk? Heel wonderlijk: hoe verder je naar binnen gaat, des te opener je wordt. Deze twee dingen lijken in tegenspraak met elkaar te zijn, maar dat is het niet. Verder naar binnen gaan is een ontspanning, waardoor het zelf-zijn ruimer wordt. In die grotere ruimte is er meer ruimte voor de anderen, voor de wereld. De inkeer is ontspanning; ontspanning is open komen. Daarom is het woord Openheid als een van de weinige woorden geschikt om het hoogste aan te duiden: niets wordt uitgesloten; alles wordt geaccepteerd als het eigene.
Deze beweging heeft een duidelijk bewustzijnsaspect. De inkeer is een bewustwording. De inkeer kan beschreven worden als een onderzoek, een onderzoek van je zelf-zijn, waardoor je zelf verandert. Er is de herkenning van een ruimer zelf-zijn dan de verkrampte vorm van het egocentrische zelf, een bewustwording van de openheid waarin zelf-zijn en het zijn van anderen niet verschillend zijn.

Gevoelsmatig vindt er hetzelfde plaats. Je wordt je bewust van je gevoelens, van je gevoelsmatige energie, van je hartenergie. In het alledaagse egocentrische leven wordt deze voor een groot deel vastgehouden in een ik-kern (ego). Dit ego is niets anders dan een brok energie die in een punt wordt geconcentreerd. Bij het naar binnen gaan is er ontspanning en hierdoor komt je gevoelsenergie vrij. Deze gevoelsmatige zelf-energie - die ben je zelf - kan dan naar buiten stromen. Dat is liefde naar anderen toe. Je houdt je zelf-zijn niet vast in een centrum, maar bent gedecentreerd, in alle andere levende wezens gestroomd. Het zelf-zijn van jezelf valt dan samen met het zelf-zijn van de anderen. Zelf ben je de ander zelf. Je ziet je zelf in alles en alles in je zelf.
 
In de Ishâ Upanishad 6 staat
‘Wie al wat hier op aarde leeft en beweegt en is,
ziet als in het eigen zelf,
en dat zelf weer levend in al wat is,
die kent geen haat of afkeer meer.’

In de Bhagavadgîtâ is te lezen (6.29):
‘Degene wiens zelf een geheel is geworden door yoga, ziet
zichzelf in alle wezens en alle wezens in zichzelf ...’
Is dat niet de betekenis en de volledige honorering van het tweede grote gebod van de christenen: ‘Heb uw naaste lief als uzelf’? (Matteüs 22.39) Dat liefhebben is niet mogelijk in een dualiteit, als je zelf losstaat van de ander: ik ben ik en de ander is een ander. Het is alleen mogelijk voor zover je eigen zelf ook het zelf is in de ander. Dan is liefde een vanzelfsprekendheid.
 
Yâjñavalkya zegt: “Het is niet om de man dat de man dierbaar (priya) is, maar om Âtman is de man dierbaar; het is niet om de vrouw dat vrouw dierbaar is, maar om Âtman is de vrouw dierbaar,” enzovoort (Brhadâranyaka Upanishad 4.5.6). Liefde is geen ding dat je kunt geven; het is de sfeer laten ontstaan waarin er geen gescheidenheid meer is tussen het eigen zelf-zijn en het zelf van de ander. De tweeheid is dan overgegaan in een non-dualiteit (a-dvaita).
Dat geldt ook voor het eerste grote gebod uit hetzelfde bijbelboek: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand’. ‘God is liefde’ en ‘Ieder die liefheeft is uit God geboren en kent God.’ (1 Johannes 4.7-8). Gods liefde blijft dan in hem of haar, en hij/zij in God als liefde. Er zijn veel culturele verschillen tussen het hindoeïsme en het christendom, en er zijn veel teksten over het moeizame of zondige alledaagse leven, maar in de essentie gaat het om hetzelfde.

zondag 2 mei 2021

“I WRITE BOOKS ABOUT ACCEPTANCE...BUT I JUST CANNOT ACCEPT THIS” (Jeff Foster) (Zie de Nederlandse vertaling achter de Engelse tekst!)

“I WRITE BOOKS ABOUT ACCEPTANCE...
BUT I JUST CANNOT ACCEPT THIS”. 
 
A Confession.
 
1st May 2021
 
 

Dear Friends,
 
Once again, I am writing to thank you for your deeply compassionate messages and emails of love and support. Even if I cannot reply personally to all of you right now, as my energy is so limited, please know that I do read every message and so deeply appreciate your extraordinary kindness. And once again, to those of you who have sent donations, I thank you from the bottom of my heart. I never truly knew how many of you cared so deeply about me and my well-being on such a personal level. I am sending so much love to every single one of you. Thank you for allowing me into your life. 
 
And my sincere apologies for any spelling mistakes or other errors in this newsletter. My attention, focus and editing skills are not as sharp as they used to be! ;) 
 
 
 
 
I am in a strange place right now, friends.

It’s hitting me hard: I am physically and cognitively disabled.

At least for now. At least for... a while. Maybe for the rest of my life. Nobody can say. Nobody.
 

I am living in the Unknown. We all are, truth be told.
 

Compared to where I was last year, and every year before that, it’s a shock each day to find myself like this. It’s been utterly devastating – DEVASTATING - to lose certain physical and cognitive functions and abilities seemingly overnight, with no promise they will ever return, or at least fully return to what they were before.

I am in a strange place, friends, somewhere between a vague hope and utter, near-unbearable devastation.

(Again, I don’t want this to be all about “me”. So many people around the world are suffering right now, far more deeply than I. But I do think that by sharing my own struggle, opening up about my own present health challenge, there may be some transmission of truth into the collective. I’m sure many of you can relate, in your own way…)
 

Do I turn towards where I am, and face the fact of my disability, my present limitations as a body-mind? Face the devastation and part decimation of the old life, the old plans, the old health, the old cognitive function, the old livelihood, fully grieve what I have lost, and grieve what I have yet to lose? Can I even know what I have "yet to lose"? Can we ever know? What am I grieving, exactly? Can I mourn a lost unknown future? Can I sink into my tears, fully let in the loss and the ruin and the yearning, let it all break me open, and give up all hope of tomorrow?
 
Is hope real, or based in fantasy?

Do I keep striving, fighting, hoping, waiting for healing, for some cure, for the ‘answer’, for some magic healing potion?

Do I accept where I am today, or do I hold to hope of improvement, even remission, tomorrow, when the remission rate for this condition is statistically so low, and when nobody on Earth can promise me that?

Will I be one of the lucky ones? Can I somehow control the fates, manifest a wanted outcome?

Should I ignore all the objective “facts” of this condition, and just believe?

Or is it all ultimately in the hands of the gods, no matter what I do?

These questions are as old as the mind itself, as old as thought.
 


Acceptance of “the way it is”, or hope for “how it could be”?

Of course, in reality, these two energies can co-exist.

And we can hold this primal paradox - of accepting where we are right here right now, discomfort and pain and limitations and heartbreak and all, whilst at the same time, imagining a better, brighter future, and doing all we can to work towards that. Deep acceptance and profound change do not contradict each other, they are reflections of each other, lovers, very old friends. Our divinity and our humanity are One. Imperfect and perfect, broken and whole. 

Resting in the ache, leaning into the ache, bowing to the ache, while not giving up on the healing. At least not completely. At least not now. At least not today. 

Holding these twin energies as our two beloved children. Not children that oppose each other’s existence, but children that are equally loved and welcome in our wide open arms.
 


Having said all this, it’s not easy. Some days I just want the discomfort to end. It feels edgy to admit this publicly, being a “spiritual teacher” and all (whatever the hell that means), but yeah, some days I just want it all to end, the suffering, the discomfort, the brain fog. Does that make me a coward, to long for relief in the midst of discomfort and loss? I don’t think so. It makes me human.

I have written books on deep rest, acceptance, loving the present moment, fully embracing life’s devastations.

I have written poetry and perhaps thousands of Facebook posts over the years to remind you that you were never broken, to help you remember the joy of “falling in love with where you are”.

I have taught countless retreats and workshops around the world inviting people to deeply inquire into their present experience, to bring loving awareness to pockets of resistance, to get in touch with deeply held-in feelings, to grieve, to let go of the ‘shoulds’ of life, to expose and melt hidden shame, to surrender to what is.
 
 

And I humbly admit, I am failing right now to accept my condition. I feel broken. I am not in love with where I am. I cannot “rest” with this shattering new reality.

But.... Maybe there is grace in this failure. Maybe there is a deeper self-love that allows us to be utterly imperfect, a hot mess on life’s cross, and true “success" is really this kind of self-love.

The love that never lets you fail, no matter how low you sink, for the lowest is the highest in this love, and the weakest are the strongest.

The love that loves you, even in the pit and the darkness and the unspeakable hell realms.

The love that holds you as you take your last breath, as it held you while you gasped for your first.
 


When I’m panting, sweating, out of breath, dizzy, dissociated, having to sit down after walking only five minutes to the grocery store. When the “brain fog” is so bad (as I shared in my last email, I have a complex and multi-system medical syndrome called POTS, a form of autonomic dysfunction where not enough blood and therefore oxygen reaches the brain…) that I can hardly string a sentence together, or remember my friend’s name, or find my way home from that grocery store, or finish a single string of thoughts in my head, or remember what I’m doing, or why, or where, or how, or…. When all sense of time disappears, and the outside world disappears, and I’m lost in what feels like a bad drug trip all day, dementia-like and “timeless” (but not in the liberating spiritual way, more like in a terrifying dissociated way). When I have a beautiful, passionate, honest conversation with a dear friend on the phone… and then crash energetically for hours - or days - afterwards because I expended too much energy, just talking and listening.
 
When all this is going on... it's just really, really hard. 

(God, at least I can still write. Even if it takes me a few days to write a piece that would have previously taken just a few hours...)
 


As Awareness I am unlimited. We all are. 

But as a physical body and mind, I am more limited than ever now, and it’s utterly shattering.

This is not how I expected my life to be, at 40 years of age. After four decades of basically good health, and after some of the very happiest years of my life in the last few years, and with so many wonderful things I was looking forward to, so many things left to do, books to write, retreats to lead, creative projects to explore, friends to share precious moments with, to have my physical body crash like this, with no doctor or therapist or healer so far able to give me a prognosis or remedy any of the symptoms - to live like this each day is utterly devastating.

I am still in shock, if truth be told.

I never saw this coming.

“How was I to know? How are we ever to know?”. (My favourite line from one of my favourite Sondheim musicals, ‘Into The Woods’.)


Ugh, I was so naïve, bless my heart. I thought these kinds of illnesses happen to other people.

I thought I was immune, because I had done so much work on myself, or because I had healed so many of my childhood wounds, or because I felt so relaxed and alive so much of the time, or because I experienced so little stress in my life, or because, well, I was “really really spiritual” or something like that.

The arrogance. The hubris. The audacity. The privilege. The innocence, too.

All of it. Just… all of it.
 
 

Some days I feel I just cannot accept what’s happening to me. It all feels like a bad dream, like I’m living the wrong life, like something’s gone awry, like this shouldn’t be happening.
 
Of course, deep down, I know, there is no “wrong” life, and there is only LIFE, and this is the way it is, and there is no “should”, and I am not to blame, and none of us are to blame, ever. This illness was not of my choosing. And I did nothing to “deserve” this, and it is no punishment, and there is no sin. I know that, deep down in my bones. 

Sometimes we just get sick and it comes out of nowhere and it makes no damn sense and that's just the way it is, like it or not, accept it or not, trust it or not. Our lives are shattered. Our children die. Our loved ones leave us. Our careers come to an abrupt end. We lose our money, our status, our livelihood, our physical abilities. Cars and planes crash. Tsunamis destroy entire villages, cities. Meteors, comets, asteroids crash into Earth, wiping out entire species, perhaps all species in one day. Our wonderful plans and philosophies crumble to dust. Great leaders fall from their thrones. The ground opens up and swallows cars, entire roads, buildings. Triumph and tragedy are so damn close, the veil between life and death is so thin. Sometimes the reality of the chaos of the relative world, and our ultimate lack of ability to control it, just smacks us in the face. Crisis shakes us awake from our dream of “things going so well”. Unwanted pain pushes us to the edge of our capacities. And we are utterly confounded, dumbfounded, unable to find any kind of reason for this sudden change, tragedy and loss.

“Why me?!”, we cry.
 

And our cry fades into the vast silence and maybe there is an answer there in the echo and perhaps it’s possible to hold it all. Yes, all of it. The hope and the hopelessness. The known and the unknown. The pain and the longing. The ache and the wish for the end. The problem and the prayer for renewal.

Perhaps it’s possible to hold all of life in our tender hearts.

At least for a moment.

At least for the duration of the next… precious… breath.
 


And so, I keep going. I keep grieving the old life, the old capacities, the things I used to love doing that I just cannot do anymore. (Anymore? For now? For ever? For weeks, months, years? I do not know, and who can say for sure.)

For now, I have moments where I can be with ‘what is’, and moments where I want it all to go away.

Moments of “Namaste”. Moments of “F**k This Sh*t”.

Moments where I’m a Buddha. Moments where I’m a mini-Hitler to myself.

Moments that I never expected, anyway.

Moments of a life being lived, moment by moment.
 
 
 
 

I wanted to share this with all of you. 

Not to ask for pity, but to be raw and honest and authentic about what I’m going through, as I’m going through it. I feel that you deserve nothing less from me now than the raw truth. I do not want to hide what I'm going through. 

And I want to further shatter the image of the perfectly calm, deeply accepting spiritual teacher (I have never met any, by the way). The one who never suffers. The one who isn’t touched by worldly things and takes everything in their stride. The one who has transcended the relative world.

No, I asked to be deeply touched by this world, but I never imagined it would touch me so deeply, in this particular way.

I have worked through much suffering and unravelled much trauma in my life, been willing to move through many profoundly difficult feeling states, had so many breakdowns and ecstatic breakthroughs, healing crises and joyous awakenings, been able to hold so much life, but this… this is something else.

I wanted to share all of these reflections in the hope that some of you will be able to relate, that some of my words will bring comfort or healing or warmth or courage to you out there. That you’ll be reminded that you’re not alone in your pain and confusion and heartache, and that many of your brothers and sisters are going through a shattering of their own right this very moment. The shattering will come to us all in the end; none of us are spared, no matter how ‘awakened’ or ‘healed’ we imagine ourselves to be. 
 


I pray to great and Mysterious forces that we all come through these times, humbled, stronger.

And, if I’m honest… I sincerely hope that I myself can make it through this particular challenge.

Sometimes I wonder if I have the courage or the strength to keep going through this bodily discomfort, these shattering new physical limitations and the disorienting cognitive fog this condition brings - the confusion, the problems with planning, focus, attention, short-term memory loss. 


I question my own ability to face this kind of devastation at this point in my life.

I know I am not as courageous as some of you.

I do not know what lies ahead on the road of my life.

How are we ever to know.

 
 
Does all this make me a ‘fraud’? A failed spiritual teacher?

Maybe. Maybe not.

I don’t suppose it matters at all.
 


Maybe it does make me more human, more rooted in the blood and the mud and the flesh and the ache of mortal, worldly existence, and that is far more precious, and real, than any other prize… even if I fail this test (and there is no failure in love, and no test, anyway.)
 
Yes, this is no test and so I - we - cannot fail.
 


I am holding you all in my heart, you who find yourselves in this same strange place as I.

Now, say it with me:

“Namaste. F**k this sh*t!”
 
 

Jeff xxx ❤️❤️

Nederlandse vertaling door Google en Victor

Lieve vrienden,
 
   Nogmaals, ik schrijf u om u te bedanken voor uw diep medelevende berichten en e-mails van liefde en steun. Zelfs als ik jullie op dit moment niet persoonlijk kan antwoorden, omdat mijn energie zo beperkt is, weet dan alstublieft dat ik elk bericht lees en je buitengewone vriendelijkheid zo enorm waardeer. En nogmaals, aan degenen onder u die donaties hebben gestuurd, dank ik u uit de grond van mijn hart. Ik heb nooit echt geweten hoeveel van jullie op zo'n persoonlijk niveau zo veel om mij en mijn welzijn gaven. Ik stuur zoveel liefde naar jullie allemaal. Bedankt dat je me in je leven hebt toegelaten.
 
   En mijn oprechte excuses voor eventuele spelfouten of andere fouten in deze nieuwsbrief. Mijn aandacht, focus en redactionele vaardigheden zijn niet meer zo scherp als vroeger! ;)
 
   Ik ben nu op een vreemde plek, vrienden.

   Het raakt me hard: ik ben lichamelijk en cognitief gehandicapt.

   Tenminste voor nu. Tenminste voor even. Misschien voor de rest van mijn leven. Niemand kan het zeggen. Niemand.
 

   Ik woon in het onbekende. Dat zijn we allemaal, eerlijk gezegd.

   Vergeleken met waar ik vorig jaar was, en elk jaar daarvoor, is het elke dag een schok om mezelf zo te vinden. Het is volkomen verwoestend - VERWOESTEND - om bepaalde fysieke en cognitieve functies en vermogens schijnbaar van de ene op de andere dag te verliezen, zonder de belofte dat ze ooit zullen terugkeren, of in ieder geval volledig terugkeren naar wat ze voorheen waren.

   Ik bevind me op een vreemde plek, vrienden, ergens tussen een vage hoop en een volslagen, bijna ondraaglijke verwoesting.

   Maar ik denk wel dat door het delen van mijn eigen strijd, en mij open te stellen voor mijn eigen huidige gezondheidsuitdaging, er enige overdracht van waarheid naar het collectief kan plaatsvinden. Ik ben er zeker van dat velen van u zich op uw eigen manier kunnen verhouden tot wat ik zeg.)

   Draai ik me naar waar ik ben, en zie ik het feit van mijn handicap, mijn huidige beperkingen als lichaam-geest, onder ogen? De verwoesting en gedeeltelijke decimering van het oude leven, de oude plannen, de oude gezondheid, de oude cognitieve functie, het oude levensonderhoud onder ogen zien, volledig betreuren wat ik heb verloren, en treuren om wat ik nog te verliezen heb? Kan ik zelfs weten wat ik "nog moet verliezen"? Kunnen we het ooit weten? Waar rouw ik precies om? Kan ik rouwen om een ​​verloren onbekende toekomst? Kan ik in mijn tranen wegzinken, het verlies en de ondergang en het verlangen volledig binnenlaten, me helemaal laten openbreken en alle hoop voor morgen opgeven?
 
   Is hoop echt, of gebaseerd op fantasie?

   Blijf ik streven, vechten, hopen, wachten op genezing, op genezing, op het ‘antwoord’, op een of ander magisch genezingsdrankje?

   Accepteer ik waar ik vandaag ben, of hoop ik op verbetering, zelfs remissie, morgen, terwijl hA
et remissiepercentage voor deze aandoening statistisch zo laag is, en wanneer niemand op aarde me dat kan beloven?

   Zal ik een van de gelukkigen zijn? Kan ik op de een of andere manier het lot beheersen, een gewenst resultaat manifesteren?

   Moet ik alle objectieve "feiten" van deze toestand negeren en gewoon geloven?

   Of is het allemaal uiteindelijk in handen van de goden, wat ik ook doe?

   Deze vragen zijn zo oud als de geest zelf, zo oud als het denken.

   Acceptatie van "zoals het is", of hopen op "hoe het zou kunnen zijn"?

   In werkelijkheid kunnen deze twee energieën natuurlijk naast elkaar bestaan.

   En we kunnen deze oerparadox vasthouden - van accepteren waar we hier nu zijn, ongemak en pijn en beperkingen en liefdesverdriet en zo, terwijl we ons tegelijkertijd een betere, mooiere toekomst voorstellen en er alles aan doen om daar naartoe te werken. Diepe acceptatie en diepgaande verandering zijn niet in tegenspraak met elkaar, het zijn weerspiegelingen van elkaar, geliefden, zeer oude vrienden. Onze goddelijkheid en onze menselijkheid zijn één. Onvolmaakt en perfect, gebroken en heel.

   Rustend in de pijn, leunend in de pijn, buigend voor de pijn, zonder de genezing op te geven. In ieder geval niet helemaal. Tenminste niet nu. In ieder geval niet vandaag.

   Deze tweeling-energieën vasthoudend als onze twee geliefde kinderen. Geen kinderen die tegen elkaars bestaan ​​zijn, maar kinderen die even geliefd en welkom zijn in onze wijd open armen.

   Dit alles gezegd hebbende, is het niet gemakkelijk. Sommige dagen wil ik gewoon dat het ongemak stopt. Het voelt gespannen om dit publiekelijk toe te geven, omdat ik een "spirituele leraar" ben en zo (wat dat ook betekent), maar ja, op sommige dagen wil ik gewoon dat het allemaal stopt, het lijden, het ongemak, de hersenmist. Maakt dat me een lafaard om te verlangen naar verlichting te midden van ongemak en verlies? Ik denk het niet. Het maakt me een mens.

   Ik heb boeken geschreven over diepe rust, acceptatie, liefde voor het huidige moment, de verwoestingen van het leven volledig omarmen.

   Ik heb in de loop der jaren poëzie geschreven en misschien wel duizenden Facebook-berichten om je eraan te herinneren dat je nooit gebroken bent, om je te helpen herinneren aan de vreugde van "verliefd worden op waar je bent".

   Ik heb talloze retraites en workshops over de hele wereld gegeven en mensen uitgenodigd om diepgaand onderzoek te doen naar hun huidige ervaring, om liefdevol bewustzijn te brengen in bakken van weerstand, om in contact te komen met diepgewortelde gevoelens, om te rouwen, om de 'zou moeten' van het leven, om verborgen schaamte bloot te leggen en te laten smelten, om zich over te geven aan wat is.

   En ik geef nederig toe dat ik er momenteel niet in slaag mijn toestand te aanvaarden. Ik voel me gebroken. Ik ben niet verliefd op waar ik ben. Ik kan niet "rusten" in deze verpletterende nieuwe realiteit.

   Maar ... Misschien zit er genade in deze mislukking. Misschien is er een diepere eigenliefde die ons in staat stelt volkomen onvolmaakt te zijn, een hete puinhoop aan het kruis van het leven, en echt 'succes' is echt dit soort zelfliefde.

   De liefde die je nooit laat falen, hoe laag je ook zinkt, want de laagste is de hoogste in deze liefde en de zwakste is de sterkste.

   De liefde die van je houdt, zelfs in de put en de duisternis en de onuitsprekelijke helse rijken.

   De liefde die je vasthoudt terwijl je je laatste adem uitblaast, zoals het je vasthield terwijl je naar adem snakte naar je eerste adem.

   Als ik hijgend, zwetend, buiten adem, duizelig, gedissocieerd, moet gaan zitten na slechts vijf minuten lopen naar de supermarkt. Wanneer de 'hersenmist' zo erg is (zoals ik in mijn laatste e-mail heb gedeeld, heb ik een complex en multi-systeem medisch syndroom genaamd POTS, een vorm van autonome disfunctie waarbij niet genoeg bloed en dus zuurstof de hersenen bereikt ...) dat ik nauwelijks een zin aan elkaar kan rijgen, of de naam van mijn vriend onthouden, of de weg naar huis vinden vanaf die supermarkt, of een enkele reeks gedachten in mijn hoofd afmaken, of onthouden wat ik aan het doen ben, of waarom, of waar, of hoe , of…. Wanneer alle tijdsbesef verdwijnt, en de buitenwereld verdwijnt, en ik verdwaal in wat voelt als een slechte drugstrip de hele dag, dementie-achtig en 'tijdloos' (maar niet op de bevrijdende spirituele manier, meer op een angstaanjagende gedissocieerde manier). Als ik een mooi, gepassioneerd, eerlijk gesprek heb met een dierbare vriend aan de telefoon ... en daarna urenlang - of dagen - energiek neerstort omdat ik te veel energie heb besteed, alleen maar praten en luisteren.
 
   Als dit allemaal aan de hand is ... is het gewoon heel erg moeilijk.

  (God, ik kan tenminste nog schrijven. Ook al kost het me een paar dagen om een ​​stuk te schrijven dat voorheen slechts een paar uur zou hebben geduurd ...)
 
   Als Bewustzijn ben ik onbeperkt. We zijn allemaal.

   Maar als fysiek lichaam en geest ben ik nu beperkter dan ooit, en het is volkomen verpletterend.

   Dit is niet hoe ik had verwacht dat mijn leven er op 40-jarige leeftijd zou uitzien. Na vier decennia van in wezen goede gezondheid, en na enkele van de meest gelukkigste jaren van mijn leven van de afgelopen jaren, en met zoveel geweldige dingen waar ik naar uitkeek, zoveel dingen te doen, boeken om te schrijven, cursussen te leiden, creatieve projecten om te verkennen, vrienden om kostbare momenten mee te delen, mijn fysieke lichaam zo te laten crashen, zonder dat er tot nu toe nog geen dokter, therapeut of genezer is die me een prognose kan geven of een van de symptomen kan verhelpen - om zo te leven elke dag, is volkomen verwoestend.

   Ik ben nog steeds in shock, als de waarheid wordt verteld.

   Ik heb dit nooit zien aankomen.

   'Hoe moest ik dat weten? Hoe kunnen we dat ooit weten? ”. (Mijn favoriete regel uit een van mijn favoriete musicals uit Sondheim, ‘Into The Woods’.)

   Ugh, ik was zo naïef, zegen mijn hart. Ik dacht dat dit soort ziekten andere mensen overkwamen.

   Ik dacht dat ik immuun was, omdat ik zoveel aan mezelf had gewerkt, of omdat ik zoveel van mijn kinderwonden had genezen, of omdat ik me zo vaak ontspannen en levend voelde, of omdat ik zo weinig stress ervoer in mijn leven, of omdat, nou ja, ik was "echt heel spiritueel" of zoiets.

   De arrogantie. De overmoed. De brutaliteit. Het privilege. De onschuld ook.

   Alles. Gewoon ... alles.

   Sommige dagen heb ik het gevoel dat ik gewoon niet kan accepteren wat er met me gebeurt. Het voelt allemaal als een nare droom, alsof ik het verkeerde leven leid, alsof er iets mis is gegaan, alsof dit niet zou moeten gebeuren.
 
   Natuurlijk, diep van binnen, ik weet het, er is geen "verkeerd" leven, en er is alleen LEVEN, en dit is zoals het is, en er is geen "zou moeten", en ik kan het niet kwalijk nemen, en niemand van ons heeft de schuld, ooit. Deze ziekte heb ik niet gekozen. En ik heb niets gedaan om dit "te verdienen", en het is geen straf, en er is geen zonde. Ik weet dat, diep in mijn botten.

   Soms worden we gewoon ziek en komt het uit het niets en het slaat nergens op en zo is het, of je het nu leuk vindt of niet, accepteer het of niet, vertrouw het of niet. Onze levens zijn verbrijzeld. Onze kinderen gaan dood. Onze dierbaren verlaten ons. Onze carrières komen abrupt tot een einde. We verliezen ons geld, onze status, ons levensonderhoud, onze fysieke capaciteiten. Auto's en vliegtuigen crashen. Tsunami's vernietigen hele dorpen, steden. Meteoren, kometen, asteroïden botsen op de aarde en vernietigen hele soorten, misschien wel alle soorten op één dag. Onze prachtige plannen en filosofieën brokkelen af ​​tot stof. Grote leiders vallen van hun tronen. De grond gaat open en verzwelgt auto's, hele wegen, gebouwen. Triomf en tragedie zijn zo verdomd dichtbij, de sluier tussen leven en dood is zo dun. Soms slaat de realiteit van de chaos van de relatieve wereld, en ons ultieme gebrek aan controle erover, ons gewoon in het gezicht. Crisis schudt ons wakker uit onze droom "het gaat zo goed". Ongewenste pijn duwt ons naar de rand van onze capaciteiten. En we zijn volkomen verbijsterd, stomverbaasd, en kunnen geen enkele reden vinden voor deze plotselinge verandering, tragedie en verlies.

   “Waarom ik ?!”, huilen we.

   En onze kreet vervaagt in de uitgestrekte stilte en misschien is daar een antwoord in de echo en misschien is het mogelijk om alles vast te houden. Ja, allemaal. De hoop en de hopeloosheid. Het bekende en het onbekende. De pijn en het verlangen. De pijn en de wens voor het einde. Het probleem en het gebed om vernieuwing.

   Misschien is het mogelijk om al het leven in ons tedere hart te houden.

   In ieder geval voor een moment.

   In ieder geval voor de duur van de volgende… dierbare… adem.
 
   En dus blijf ik doorgaan. Ik blijf rouwen om het oude leven, de oude capaciteiten, de dingen die ik vroeger graag deed en die ik gewoon niet meer kan. (Anymore? Voor nu? Voor altijd? Weken, maanden, jaren? Ik weet het niet, en wie kan het zeker zeggen.)

   Voor nu heb ik momenten waarop ik kan zijn met ‘wat is’, en momenten waarop ik wil dat het allemaal weggaat.

   Momenten van "Namaste". Momenten van "F ** k This Sh * t".

   Momenten waarop ik een Boeddha ben. Momenten waarop ik een mini-Hitler voor mezelf ben.

   Momenten die ik sowieso nooit had verwacht.

   Momenten van een leven dat van moment tot moment wordt geleefd.

   Ik wilde dit met jullie allemaal delen.

   Niet om medelijden te vragen, maar om rauw en eerlijk en authentiek te zijn over wat ik doormaak, terwijl ik er doorheen ga. Ik heb het gevoel dat je nu niets minder van mij verdient dan de rauwe waarheid. Ik wil niet verbergen wat ik doormaak.

   En ik wil het beeld van de volkomen kalme, diep accepterende spirituele leraar verder verbrijzelen (ik heb er trouwens nog nooit een ontmoet). Degene die nooit lijdt. Degene die niet wordt geraakt door wereldse dingen en alles op zich neemt. Degene die de relatieve wereld heeft overstegen.

   Nee, ik vroeg om diep geraakt te worden door deze wereld, maar ik had nooit gedacht dat het me zo diep zou raken, op deze specifieke manier.

   Ik heb door veel leed heen gewerkt en veel trauma's in mijn leven ontrafeld, was bereid geweest om door vele zeer moeilijke gevoelsstaten heen te gaan, had zoveel instortingen en extatische doorbraken, genezende crises en vreugdevol ontwaken, kon zoveel leven vasthouden, maar dit ... dit is iets anders.

   Ik wilde al deze overwegingen met u delen in de hoop dat sommigen van u het zullen kunnen vertellen, dat sommige van mijn woorden u daarbuiten troost of genezing of warmte of moed zullen brengen. Dat u eraan zult worden herinnerd dat u niet de enige bent in uw pijn en verwarring en hartzeer, en dat veel van uw broers en zussen op dit moment hun eigen vernietiging doormaken. Het verbrijzelen zal ons uiteindelijk allemaal overkomen; niemand van ons wordt gespaard, hoe ‘ontwaakt’ of ‘genezen’ we ons ook voorstellen.

   Ik bid tot grote en mysterieuze krachten dat we allemaal nederig en sterker door deze tijd komen.

   En, als ik eerlijk ben ... ik hoop oprecht dat ik zelf deze specifieke uitdaging kan overleven.

   Soms vraag ik me af of ik de moed of de kracht heb om door dit lichamelijke ongemak heen te blijven gaan, deze verpletterende nieuwe fysieke beperkingen en de desoriënterende cognitieve mist die deze toestand met zich meebrengt - de verwarring, de problemen met planning, focus, aandacht, verlies van kortetermijngeheugen.

   Ik twijfel aan mijn eigen vermogen om dit soort verwoestingen op dit punt in mijn leven het hoofd te bieden.

   Ik weet dat ik niet zo moedig ben als sommigen van jullie.

   Ik weet niet wat mij te wachten staat op de weg van mijn leven.

   Hoe kunnen we het ooit weten.
 
   Maakt dit alles mij tot een ‘fraudeur’? Een mislukte spirituele leraar?

   Kan zijn. Misschien niet.

   Ik denk niet dat het er helemaal toe doet.

   Misschien maakt het me menselijker, meer geworteld in het bloed en de modder en het vlees en de pijn van het sterfelijke, wereldse bestaan, en dat is veel kostbaarder en reëler dan welke andere prijs dan ook ... zelfs als ik niet slaag voor deze test (en er is geen mislukking in de liefde, en hoe dan ook geen test.)
 
   Ja, dit is geen test en dus kan ik - wij - niet falen.

   Ik houd jullie allemaal in mijn hart, jullie die jezelf op dezelfde vreemde plek bevinden als ik.

   Zeg het nu met mij:

   'Namaste. F ** k this sh * t! "

zaterdag 10 april 2021

Een vrolijke mijmering ...(Wouter van Oors)

Een vrolijke mijmering.... 


(Over imaginaire grenzen van het oneindige en de kunstenaar-psychonaut die daar schijnbaar vertoeft). 

De dingen benoemen als zijnde manifestaties van het Bewustzijn, is een manier van uitdrukken die eigen is aan het Indische denken. Advaita Vedanta.
Feitelijk gaat het gewoon over de natuurlijke Werkelijkheid. (Houthakken en water halen). 
Er zit niets achter die verschijning.
Er gaat niets vooraf aan wat er is. 
Alles is wat schijnbaar gebeurt. 
Het is niet iets secundairs wat op een tweede plaats komt in een volgorde van verschijnen. 
Bewustzijn is iets dat verzonnen is in spirituele kringen. (Bron onbekend!) 
Er moet blijkbaar perse iets zijn wat verborgen ligt achter de schijn der dingen. 
Er moet immers een ingrond zijn waaruit we als bloemen zijn ontsproten. 
Maar is dat ook zo?! 
Wat verschijnt is alles wat er onmiddellijk is! 
Er is niets anders dan dat! 
Niemand ziet dat! 
Wat is Bewustzijn nou eigenlijk? 
Wat wordt ermee aangeduid? 
Het is het ongedifferentieerde vormloze, het onzichtbare, het ongrijpbare, de zwangere ruimte van oneindig scheppend potentieel. 
Het is wat Vincent van Gogh zag toen hij zijn linker oor had afgesneden. 
Het noumenon. 
Das Ding An Sich.
Het ongemanifesteerde Zijn.  
Niet Twee. 
Nondualiteit. 
DAT. 
DIT. 
Er zijn vele benamingen voor. 
Het is het belevendigende element in wat zich achter de manifestatie lijkt te verschuilen en er tevens de bron van is. 
Zonder 'Bewustzijn' is er kennelijk geen manifestatie mogelijk. 
Dat is het axioma. 
De algemene opvatting. 
De aanname.
De fuck up. 
Zo wordt het begrepen. 
Maar is het waar?! 
Of is het papagaaien gekwetter?
Is Bewustzijn niet gewoon het ordinaire droomverhaal van schijnbaar aanwezig zijn als Jantje of Marietje? 
Vrijwel alle vormen van Oosterse en Westerse spiritualiteit erkennen het bestaan van 'Bewustzijn' als de grondslag van het kennen van de verschijnselen.
Kennendheid die je voor de lol ook 'spaghetti' zou kunnen noemen. 
Wie maakt het wat uit?!
What the fuck! 
Er is kennelijk geen waarnemen mogelijk zonder het Bewustzijn (Spaghetti). 
"Ik denk (ik ben bewust) dus ik ben (zelfbewust)." Sprak Descartes. 
Eerst moet jij er zijn om dat 'er zijn' te kunnen bevestigen. 
Vanwaar toch steeds die stomme volgorde? 
Eerst Bewustzijn en dan jij pas! 
Het is de droom van afscheiding! 
"Ik ben hier en Bewustzijn is daar!" 
"Bewustzijn ervaart dat ik een lichaam heb!" 
Dat is pas echte schizofrenie! 
Maar toch gaat Bewustzijn volgens de goeroes aan alles vooraf. 
Verdomd als het niet waar is!
Onder die hypnose leven we al duizenden jaren! 
Ik zeg dat het niet waar is! 

Bewustzijn is een mythe!
Er gaat niets vooraf aan iets anders. 
Niets verschijnt in iets anders. 
Er is niets anders dan wat er is 
Er is geen opeenvolging. 
Geen continuïteit. 
Geen oorzaak en gevolg. 
Geen voor en na. 
Wat gebeurt als wat verschijnt is onverdeeld. 
Het een IS het ander simultaan. 
Er is geen afstand. 
Het is nergens. 
Er gebeurt helemaal niets! 
Er is nooit iets gebeurd. 
Er is geen verleden. 
Er is geen toekomst. 
Er is geen tijd.
Er is geen ruimte. 
Er is helemaal niets! 
Dit kan niet worden begrepen.... 
Daar is ook geen noodzaak toe. 
Er is niemand om iets te begrijpen. 
Wat is, is wat het is en wat het niet is.
En niets anders dan dat! 
Dat is totaal onbegrijpelijk. 
Even onbegrijpelijk als waarom een bal rond is. 
(Een vierkant is ook rond!) 
Er is geen waarom! 
Ook geen waarom niet?! 
Er is niets te begrijpen. 
Dit is geen kromme redenering! 

Einstein zei dat de ruimte kromt. 
Daarom is recht altijd krom! 
En krom altijd recht. 
En dat allemaal terwijl recht niet bestaat in het echt! 
Hoe zou dat komen?! 
Het antwoord is in de waarnemer. 
En die is er niet! 
Er is niets dat ziet. 
Er is geen astronaut. 
Geen psychonaut. 
En toch lijken de planeten rond. 
En alles lijkt oneindig. 
Nul. 
Zonder grenzen en randen. 
Zonder een absoluut Point Zero. 
Het Universum zit in het hoofd. 
Er is niets daarbuiten. 
Noch iets ergens binnen. 
Het brein is God. 
En die bestaat niet! 
God is leegte. 
Wat een raadsel! 
Volkomen krankzinnig. 
Absurd. 
Geen begin. Geen einde. 
Geen niets. Geen Zijn.
Geen alles! 
Niemand heeft de sleutel tot de kern van de zaak. Er is geen kern! 
En ook helemaal geen raadsel!
Waarom zijn bananen krom?
Omdat Einstein helder zag dat er geen rechte lijnen bestaan?!
Heb je je wel eens afgedroomd wat de droom werkelijk behelst? 
Hoe diep was je in slaap toen je grote teen jeukte en je vinger feilloos dat plekje wist te vinden? 
Kun je dat Bewustzijn noemen? 
Aandacht die naar een grote teen gaat?
Zonder aandacht is er niets.
Zeker niet als aandacht in zichzelf oplost en onthult wat evident is, voor niemand! 
Dat is de grote magische truuk! 
Die wordt verkocht als Verlichting.
In de spirituele marktplaats. 

Wouter van Oord.

maandag 15 maart 2021

Teksten en artikelen over Advaita Vedanta om te downloaden

Al surfend op de megabytegolven van de oneindige digitale oceaan die het internet is, kwam ik deze fraaie collectie gratis Advaita Vedanta downloads tegen, wellicht dat die deze of gene verlichting of vreugde geven, dus ik dacht die deel ik even!
Otqc Shoshone

zondag 7 maart 2021

Gij zijt dat ... maar wat betekent dat dan eigenlijk, zijn die Mahavakyas ook nu nog geldig?? (J. Krishnamurti)


Blz. 41:

Swamiji: Wat vindt u ervan? Zijn die Mahavakyas ook nu nog geldig? Of moeten ze herzien en vernieuwd worden? 

Krishnaji: Die spreuken, zoals dat ben ik', "Tat-Tvam Asi' en 'Ayam Atma Brahma' bedoelt u?

Swamiji: Dat wil dus zeggen: 'het Bewustzijn is Brahman'. 

Krishnaji: Bestaat er geen gevaar, Swamiji, dat we iets herha len zonder te weten wat het precies betekent? 'Ik ben dat.' Wat betekent het in feite?

Swamiji: "Gij zijt dat.'

Krishnaji: Goed, 'Gij zijt dat'. Maar wat betekent het? Je zou kunnen zeggen 'ik ben die rivier'. Die rivier heeft een overweldigende stuwkracht, hij stuwt zich rusteloos en nooit aflatend voort door vele landen. En dan kan ik zeggen 'ik ben die rivier' en dat zou net zoveel geldigheid hebben als 'Ik ben Brahman'.

Swamiji: Zeker, zeker.

Krishnaji: Maar waarom zeggen we 'ik ben dat? Waarom niet 'ik ben de rivier' of 'ik ben de arme', de man zonder talent of intelligentie, die traag van geest is - en wiens traagheid door erfelijkheid, door armoede, door vernederingen en wat al niet meer is veroorzaakt! Waarom zeggen we nooit 'dat ben ik ook’? Waarom hangen we onszelf altijd op aan iets dat we als het hoogste beschouwen? 


vrijdag 5 maart 2021

Bestaat non-duaal bewustzijn van Peter Sas

Bestaat er zoiets als puur, non-duaal bewustzijn?


Er zijn tegenwoordig nogal wat mensen die uit de Neo-Advaita voortkomen en die zeggen dat het hele idee van zuiver non-duaal bewustzijn (of “gewaarzijn”) onzin is: een verzinsel van goeroes om discipelen aan zich te binden, de zoveelste wortel die je voor de neus wordt gehouden zodat je blijft rennen, de laatste stuiptrekking van het ego dat zichzelf tot goddelijke, kosmische proporties opblaast (het Zelf, het Alomvattende Bewustzijn), een laatste wanhoopspoging om zin te geven aan een bestaan dat in essentie zinloos is…

Laten we om te beginnen vaststellen dat het idee (beter: de ervaring) van zuiver, non-duaal bewustzijn centraal staat in alle vormen van non-duale spiritualiteit die in het Oosten zijn ontstaan, dus niet alleen de Advaita Vedanta, maar ook het Boeddhisme (wat met name duidelijk wordt in tradities als Dzogchen en Zen waar ook gesproken wordt over het “Grote Zelf”), ook de Tantra van het Kashmir Shaivisme en ook de Klassieke Yoga van Patanjali. Wat dat betreft bestaat er dus een enorme eensgezindheid in al deze tradities, die dan ook -- zoals Philip Renard treffend zegt -- beter gezien kunnen worden als variaties binnen de ene “Grote Traditie” van de non-duale spiritualiteit. Er zijn wel verschillen tussen die variaties, maar dat zijn details, oppervlakte-verschillen in terminologie en praktische benadering (verschillende soorten spirituele oefening). In de kern is er een grote overeenstemming over het bestaan van non-duaal bewustzijn, over de aard ervan en over de bevrijdende werking van inzicht in het non-duale bewustzijn als je eigen essentie. 

Ik vind het dan ook tamelijk lachwekkend en ook een beetje zielig als er mensen opstaan die zeggen dat ze het beter weten, die eigenlijk zichzelf belangrijk willen maken -- zichzelf willen opwerpen als een nieuw soort (anti-)goeroe -- door vanuit hun luie stoel te roepen dat die hele traditie van non-duale spiritualiteit onzin is, dat er helemaal niet zoiets is als zuiver non-duaal bewustzijn. Dus je denkt dat je het beter weet dan de Boeddha? Je denkt dat je het beter weet dan de wijzen van de Upanishads? Je denkt dat je het beter weet dan Shankara? Je denkt dat je het beter weet dan al die generaties van Boeddhistische wijzen die de beoefening van non-duale meditatie hebben geperfectioneerd? Je denkt dat je het beter weet dan genieën als Abhinava Gupta en Patanjali?... 

Zou het misschien niet zo kunnen zijn dat deze mensen -- die tegen 2500 jaar van non-duale spiritualiteit ingaan en zeggen dat non-duaal bewustzijn “onzin” is -- gewoon tekort hebben geschoten in hun spirituele ontwikkeling, dat het ze niet gelukt is om hun ego te overwinnen en dat ze daarom denken dat non-duaal bewustzijn niet bestaat? Misschien zit er zelfs wel een flink stuk ressentiment in, dat ze het niet kunnen uitstaan dat ze nooit hebben mogen ervaren wat al die talloze wijzen wel hebben ervaren en dat ze daarom van de weeromstuit maar gaan roepen dat die hele non-duale spiritualiteit onzin is… wat misschien ook het vitriool verklaart waarmee deze mensen hun volstrekt onbeargumenteerde meningen spuien.

Maar goed, dat terzijde, laten we op de inhoud ingaan en ons afvragen: wat wordt er precies bedoeld met “non-duaal bewustzijn”? Dit is eigenlijk supersimpel. Normaal, in de “duale toestand”, denken we: ik, deze persoon van vlees en bloed, ben de waarnemer, en de wereld buiten mij is het waargenomene. Anders gezegd, we denken dat bewustzijn een eigenschap, een vermogen, is van de individuele persoon. Filosofisch gezegd: de individuele mens wordt gezien als het subject van het bewustzijn… Non-duale spiritualiteit, in al de bovengenoemde tradities, gaat om het inzicht dat deze alledaagse manier van denken en ervaren radicaal onjuist is: het individu kan niet het ware subject van het bewustzijn zijn want het individu wordt immers zelf ook ervaren, het is zelf een van de objecten die in het bewustzijn verschijnen. 

Jij als individuele persoon bent dus niet degene die zich bewust is van objecten, nee ‘jij’ bent zelf een van die objecten. En als je dat inziet, dan zie je meteen ook in dat het bewustzijn voorafgaat aan het individu, dat het bewustzijn niet ‘in je hoofd’ zit maar dat het precies omgekeerd is: je hoofd zit in het bewustzijn. En dat bewustzijn, waar zowel ‘jezelf’ qua individu als je buitenwereld, in of aan verschijnen, dát is het non-duale bewustzijn. Het is non-duaal in die zin dat het voorbij gaat (of beter gezegd: voorafgaat) aan de dualiteit van subject en object, van ego en buitenwereld. Zodra dit ingezien wordt, verschuift je zelf-beleving: je gaat jezelf minder identificeren met de persoon die je dacht te zijn en meer met het non-duale bewustzijn waarin die persoon verschijnt… En dat is bevrijding… 

Ik wil hier een passage citeren van Jan Geurtz die dit perfect uitlegt, een passage die ook meteen een cruciaal argument aangeeft waarom we niet onder deze conclusie uit kunnen:

“Zie je dat onze volledige werkelijkheid niet alleen uit een subjectieve en een objectieve component bestaat, maar dat er een derde factor is, namelijk het vermogen om deze tweedeling waar te nemen? Deze derde factor is zelf geen waarneembare vorm of entiteit. Immers, als dat wel zo zou zijn, zou weer een vierde factor er de waarnemer van moeten zijn? En als die waarnemer zelf waarneembaar zou zijn, zou iets anders daar weer de waarnemer van moeten zijn, en zo tot in het oneindige… Dit allesoverziende gewaarzijn heeft geen vorm, geen afmeting, geen begrenzing: het is dus eigenlijk ‘niets’ en lijkt daarmee een beetje op wat we met het woord ‘ruimte’ aanduiden… gewaarzijn [is] een onbegrensde ruimte die gewaar is van alles wat zich in die ruimte afspeelt: ons ik-bewustzijn met zijn gedachten en gevoelens, en de materiële werkelijkheid waar die ‘ik’ in rondloopt.” (Geurtz, Verslaafd aan denken, p.44-45)

Nu gaat het er natuurlijk om dit niet alleen verstandelijk te begrijpen maar om dit te ervaren. Bewustzijn is als een kaarsvlam die alles verlicht wat in het licht ervan verschijnt. Maar zoals een kaars niet alleen z’n omgeving verlicht maar ook zichzelf, zo is bewustzijn ook onmiddellijk van zichzelf bewust, het is “zelf-verlichtend” (“self-luminous”). Het is dit onmiddellijke, pre-reflectieve, pre-conceptuele zelf-bewustzijn dat het non-duale bewustzijn van zichzelf heeft, dat in de Advaita Vedanta wordt aangeduid als het besef “Ik ben” en in het Boeddhisme wordt aangeduid als de Boeddha-natuur die ‘in’ alle bewuste wezens aanwezig is. Het is dit inherente zelfbewustzijn van non-duaal bewustzijn dat het bereiken van verlichting mogelijk maakt.

Mensen die zeggen dat non-duaal bewustzijn niet bestaat, lopen dus blijkbaar deze zelf-ervaring van het non-duale bewustzijn mis, omdat ze te vastgeroest zijn in het dualistische ego. Hoe kun je nou deze mensen overtuigen dat het toch bestaat? Hier geeft de bovenstaande passage van Jan Geurtz een belangrijke aanwijzing. En criticus van de non-duale spiritualiteit zou namelijk kunnen vragen: Waarom moet ik een apart bewustzijn aannemen dat voorafgaat aan mij als individu? Waarom kan ik als individu niet de waarnemer zijn die niet alleen de buitenwereld maar ook zichzelf waarneemt? Want dat is eigenlijk wat iemand zegt die beweert dat er geen non-duaal bewustzijn is, namelijk dat de individuele persoon wél het uiteindelijke subject van bewustzijn is…

Zoals Jan Geurtz in het bovenstaande citaat aangeeft: datgene wat waarneemt kan zelf niet waarneembaar zijn, want anders zou er een oneindige regressie van zelf-waarnemingen plaatsvinden. In een andere passage legt Geurtz dit glashelder uit:

“Zodra een waarnemende entiteit zichzelf waarneemt, ontstaat er een lus (in het Engels: loop). Dit gebeurt bijvoorbeeld als een camera op zijn eigen beeldscherm gericht wordt, als twee spiegels recht tegenover elkaar staan, of als een microfoon te dicht bij zijn eigen luidspreker komt… Bij een waarnemingsloop zien we het beeld in een oneindige reeks verdwijnen. Als onze meest fundamentele waarnemingsfactor een entiteit, een ‘ding’ zou zijn, dan zouden we er een oneindige reeks van moeten waarnemen, allemaal ‘zelfjes’ die zichzelf waarnemen. Dit is niet het geval, vandaar dat onze meest fundamentele waarnemingsfactor zelf geen waarneembare entiteit kan zijn.” (Verslaafd aan denken, p.244, n.23)

Met andere woorden: de individuele persoon kan niet de ultieme waarnemer zijn, want dan zou er een oneindige regressie van zelf-waarnemingen moeten plaatsvinden en dat is niet het geval. Ergo: de ultieme waarnemer gaat vooraf aan zowel de individuele persoon als diens buitenwereld en is dus non-duaal bewustzijn…

Dit is een bijzonder sterk argument dat Jan Geurtz hier geeft en het verbaasde mij eigenlijk dat je het niet vaker tegenkomt in de diverse tradities van de non-duale spiritualiteit. Waarschijnlijk is dat omdat het daar uiteindelijk niet gaat om argumenten maar om het direct zelf ervaren van het non-duale bewustzijn in de verlichtingservaring. Toch is er ook nog een andere bron waar dit argument (heel beknopt) te vinden is, namelijk de Yoga Sutra van Patanjali: 

“Als de mind waargenomen zou worden door zichzelf in plaats van door het (non-duale) bewustzijn, dan zou de reeks van dergelijke waarnemingen tot in het eindige doorgaan en het geheugen exploderen.” (4.21)

De overeenkomst met het argument van Jan Geurtz is opmerkelijk. Ik heb aan Jan gevraagd of hij misschien in zijn argument beïnvloed is door Patanjali maar hij zegt dat hij er helemaal zelf op gekomen is, wat hem nog eens in mijn achtig doet stijgen… Enfin, het punt is duidelijk, lijkt me. Het is volstrekt logisch dat non-duaal bewustzijn bestaat. Meer nog dan dat, het is onmiddellijk door iedereen ervaarbaar dat het bestaat… En dat is waar het in bevrijding om gaat.

dinsdag 2 maart 2021

Douwe Tiemersma ook in het Arabisch

کوردی، العربية، English.



   ٫٫سروشتی و درووستکراو،،

(ئاخافتنێک لەگەڵ داوە تیمەریسما مامۆستای ئەدڤایتا، ٤ ڕەشەمێ ١٩٩٨)
كاتێك مەسەلە سەبارەت بەوەیە کە ئەبێت وازبهێنین لە دروستکراوەکانی (من)، دەبێ شتێکی بنەڕەتی ڕووبدات. ئەو ڕوودا بنەڕەتیەش دارووخانی گەردوونی منە. ئەمەش ڕوودەدات و پاش ماوەیەک ئەیبینیت. ئەبینیت ئەو ژیانەیە هەمیشە سەرقاڵی بوویت.
گەوهەری ژیانی خۆت ئەبینیت لە سەر زەوی. ئەبینیت کە هەوڵی هەموو جۆرە شتێکتداوە، هەوڵی ئەوەتداوە هەموو جۆرە شتێک ئەنجامی بدەیت، شتی چاک و خراپ. ئەوە ژیان بوو..تۆش دەیبینیت و لەبەرئەوەی دەیبینیت، بۆت دەردەکەوێت کە دووريەك هەيە لە نیۆان تۆ وەکوو بینەرێک و ژیانت لەسەر زەوی وەکوو منێک. ئەزموونی ئەو دووریەش دەکەیت و بۆت دەردەکەوێت کە تۆ ئیتر خۆت پێناس ناکەیت بەو ژیانەو و بۆت دەردەکەوێت کە هەموو بونیاتەکانی (من) دارووخاون.
ئەمە مانای شلبوونێکی مەزنە. کاتی ئەزموون کردنی ئەم شلبوونە، ئەم بارە نوێیە بە دڵنیایی وەک باری سروشتی خۆت ئەناسیتەوە. ئەمەیە خودبوون. ئەمەش لە خۆبەخۆ لە متمانەدا ڕوودەدات. وازهێنان لە (من) بە شێوەیەکی خۆبەخۆ ڕوودەدات، بەڵام هێشتنەوەی پێویستی بە هەوڵدانە. ئەگەر ئاوڕبدەیتەوە، دەتوانی بەڕوونی بیبینیت چەند هەوڵدانت پێویست بوو بۆئەوەی ئەو ڕۆڵانە ببینیت. ئێستاش دیسان زۆر بە وریاییەوە هەوڵەدەدەیت دووبارە لە ڕێی هەوڵدانێکی زۆرەوە یەکێک لە وێنەکانی خودی خۆت بپارێزی. ئەمە پێویستی بە چەنێک ووزە نەبووە، بە چەنێک هەوڵدان نەبووە و چەنێک توانای ویستوە بۆئەوەی بتوانیت دووبارە خۆت بپەستێویتە ناو شێوەیەک لە شێوەکان؟ وازهێنان لەمە وازهێنانە لە گرژی و ئەمەش خۆبەخۆ ڕوودەدات. لەبەرئەوەشی کە خۆبەخۆ ڕوودەدات، هەستئەکەیت کە گەیشتویتە بە بارە سروشتیەکەی خۆت. لەناو ئەم بارەدا هیچ بونیادێکی درووستکراو نیە، چونکە پێویستی بە هەوڵدان نییە. واز لە هەموو شتێک بێنە، هەموو شتێک لە خۆیەوە ئەگەڕێتەوە بارە سروشتیەکەی خۆی. ئینجا ئەبینیت هەموو دروستکراوەکانی (من) نامێنن. بەتەواوی وازبێنە لە هەموو شتێک و بەتەواوی لێیگەڕێ و ڕێبدە ئەمە بەردەوامبێت تا ئەوکاتەی ئەو بارە سروشتیە خۆیت بۆ دەردەخات. تۆ بە بێ دەنگی لێرە دانیشتبووی، بەڵام با کەمێک بگەڕێینەوە بۆئەوەی ببینین لەوەپێش بارەکە چۆن بووە؟ چی ڕووی ئەدا؟ با بەوردی دیقەتی ئەوە بدەین کە ڕوویدەدا. لە سەرەتادا سەرنجت دابووە دەرەوە و خەریکی قسەکردن بوویت لەگەڵ خەڵکی، دوای ئەوە بێدەنگ بوویت و سەرنجت خستە سەر ژوورەوە و زۆر لەو گرژیەی پێتەوە دیاربوو نەما. وادەردەکەوێت جۆرێک گرژی هەیە لە قسەکردنتا لەگەڵ خەڵک. کاتێک خەڵک بەجێ دەهێڵێت و دەچیتە ناو خۆت، ئەم گرژیە نامێنێت. زۆر بە ڕوونی بە ئاگابە لەم گرژیە، بۆت دەردەکەوێت کە درووستکراوە و داهێنراوە. هەندێجار ئەم درووستکراوە بە شێوەیەک ئاشکرایە تا ئەو سنوورەی هەموو کەسێک زۆر بە ڕوونی جیاوازی نێوان سروشتی و خۆڕس و هاوئاهەنگ لەگەڵ درووستکراو و داهێنراو دەبینێت. هەندێک کەس حەزدەکەن بە شێوەیەکی زۆر جوان و سەرنجڕاکێش دەرکەون، ئینجا لەبەرئەمە بەجۆرێکی زۆر گرژ و ناڕاستقینە هەڵسوکەوت دەکەن. باشترە لە سەرەتا لەمە وردبینەوە، لەبەرئەوەی جیاوازیەکەی لەگەڵ بارە سروشتیەکە زۆر ڕوونە. کاتێک ئەمە بە جوانی دەبینیت، بگەڕێنەوە بۆ ئەو جۆر و ئەو شێواز و شێوانەی کە لە تواناتدایە بیان ناسیتەوە و ئەزموونیان بکەیت، بارەکە چۆنە لەوێدا؟ لەوانەیە ئەو حاڵەتانە بێنەوە یادت کە گرژ بوویت تێیدا کاتێک حەزت کردبوو جوانتر دەرکەویت لەوەی کە لە کەتواردا هەیت، بەتایبەت کاتێک کە لە بۆنەیەکی گرینگدایت. ئەوکاتە هەوڵەدەیت بە باشترین شێوە دەرکەویت، بەڵام پێویستە لە دەرەوەی ئەم بۆنە و بارە تایبەتانەشداە باش جیاوازی بکەیت لە نێوان درووستکراو و سروشتی لە ناو خۆتدا. لەبەرئەوە بگەڕێوە بۆ خودی خۆت، ئەو خودەی کە دەتوانی هەستی پێبکەیت، بۆ ئەو ئاستە ناسکە لە خود کە زۆر بە ئاسانی زۆرجار ێیدەپەڕێنیت. کاتێکی لەگەڵ خەڵک دەدوێیت، دەتوانیت بەئاگابیت بەو شێوازەی کە قسەیان لەگەڵ دەکەیت.
           "الطبيعي والمصطنع "

مقدمة ومحادثة مع معلم الأدفايتا داوة تِمٓرِسما 4 فبراير 1998.

    عندما يتعلق الأمر بالتخلي عن كل ما بناە الأنا، فلا بد أن يحدث شيء جذري. هذا الحدث الجذري هو انهيار كون الأنا. سيحدث هذا و ستشاهد بقاياه: " إنها الحياة التي كُنتُ دائما منشغلًا بها."
 سترى جوهر حياتك على الأرض و سترى بأنك سعيت وراء شتى الأشياء ، سعيت جاهدًا بالقيام بكل الأشياء الممکنة ، الأشياء الجيدة و السيئة، تلك كانت الحياة. أنك تراها و تحديدا لأنك تراها، ستجد بأن هناك مسافة بينك كمشاهد و بين حياتك على الأرض كأنا. ستختبر تلك المسافة وستلاحظ بأنك لم تعد تنسب نفسك إلى تلك الحياة و ستلاحظ بأن كل بنى الأنا قد تهاوت. و هذا يعني إسترخاء عظيم. فعند تجربة هذا الاسترخاء ستتعرف على هذه الحالة الجديدة و ستتأكد بأنها هي حالتك الطبيعية و هذا هو كيان الذات. هذا يحدث تلقائيا من خلال الثقة.
  إن التخلي عن الأنا يأتي بشكل تلقائي. بينما الاحتفاظ بها يتطلب جهدا.
 فإذا نظرت إلى الوراء ، يمكنك أن ترى بوضوح كل تلك الجهود التي كان يجب عليك أن تبذلها لكي تلعب أدوارك و مرة ثانية، ستظل حريصًا لكي تبذل الكثير من الجهد للحفاظ على صورة معينة عن نفسك. كم من الطاقة لم يتطلب كل هذا و كم من الجهد لم يتطلب و ما مقدار القوة التي كان عليك أن تستثمرها لكي تجبر نفسك في سبيل أن تحشرها مرة أخرى في شكل من الأشكال؟
  إن التخلي عن هذا هو التخلي عن التوتر و هذا يحدث من تلقاء نفسه. و نظرا لحدوثه التلقائي هذا، فإنك ستشعر بأنك وصلت إلى حالتك الطبيعية. في داخل هذه الحالة لا توجد إنشائات وبنى مصطنعة، لذلك لا يحتاج منك أن تبذل جهدا من أجلها.
 أترك كل شيء و كل شيء سيعود تلقائيًا الى حالته الطبيعية. ثم سترى بأن كل ما أنشأه الأنا قد تلاشى.
  دع كل شيء، اتركه تمامًا و دع هذا يستمر حتى تكشف الحالة الطبيعية لك عن نفسها. فليس هناك ما هو أسهل من هذا، لأنها هي أصلا حالتك الطبيعية التي أنت عليها!
 لقد كُنتٓ جالسا هنا بصمت، لكن فلنعد أولا لنرى كيف كان الوضع قبل ذلك؟ ما الذي كان يحدث؟ انظر بدقة إلى ما كان يحدث. في البداية كنت موجها أهتمامك إلى الخارج و تتحدث إلى الآخرين، ثم أصبحت صامتا و وجهت إهتمامك نحو الداخل، ثم فقدت الكثير من التوتر الذي كنت تحمله معك. فكما يبدو أن هناك بعض التوتر في حديثك مع الآخرين. إن هذا التوتر يتلاشى عندما تترك العالم و تتوجه نحو الداخل.
راقب هذا التوتر بوضوح شديد، ستجد بأنه مصطنع و مفتعل . أحيانًا يكون التصنع واضحًا جدًا، إلى درجة بحيث يرى الجميع فيها التباين بين الطبيعي و العفوي و المتناغم من ناحية، و بين المصطنع و المفتعل من الناحية الأخرى. إن بعض الناس يرغبون بالظهور بمظهر جميل جدًا أو بمظهر مثيرٍ للاهتمام، وبالتالي يتصرفون بطريقة متوترة و مصطنعة. من المستحسن أن ننظر إلى هذا أولاً، لأن إختلافه عن الحالة الطبيعية يكون واضحًا جدا. فعندما ترى هذا بوضوح، عُد حينها إلى الأشكال والأنماط التي يمكنك أن تتعرف عليها و تختبرها في نفسك، كيف كان الوضع هناك؟ ربما تتذكر المواقف التي كنت فيها متوترا، عندما أردت أن تكون أكثر جمالا مما أنت عليه في واقع الأمر. خاصة عندما تكون في مناسبة مهمة، فأنك تبذل كل ما بوسعك لكي تظهر على أحسن وجه ممكن. ولكن أيضًا خارج تلك المناسبات الخاصة و المواقف المحددة، سيتعين عليك فهم وتمييز ما هو طبيعي عن ما هو مصطنع فيك. لذلك، عد إلى نفسك، الى نفسك المحسوسة، إلى ذلك المستوى اللطيف الذي يمكنك أن تتغاضى عن رؤيته أو ملاحظته بكل سهولة، لأنه عندما تتحدث مع الآخرين، يمكنك أن تكون واعيا بأسلوبك في التحدث معهم.
"The natural and the artificial"

( A conversation with Advaita teacher Douwe Tiemersma, February 4, 1998)

 So when it comes to letting go of the I constructions, something fundamental will have to take place.This fundamental event is the collapse of the cosmos of the ego.
That happens and you see the remnant: "That's the life where I've always been so busy."You see the core of your life on earth, that you have strived for all kinds of things, striving in doing all kinds of things, good things and bad things. That was life. You see it and precisely because you see it there is a distance between yourself as a seer and the life of your ego on earth.
You experience the distance and notice that you are no longer identified with that life, that all the constructions of the ego have fallen away.
 That means great relaxation. When you experiencing that relaxation, you recognize the new state and establish that it as your natural state. That is Self-being.
It happens by itself in confidence.
Letting go of the ego comes naturally. Holding it takes effort. Looking back, you can clearly see the efforts you had to make to play your roles. You will be careful to put in so much effort again to maintain a certain image of yourself. How much energy does that not take, how much effort does it not take, how strongly you have to force yourself to do so in a certain form.To let go is to let go of the tension and that goes by itself. Precisely because it happens automatically, you experience that you come into your natural state. There is no artificial production in it, so you don't have to spend energy. Let go of everything and everything will automatically go into a natural state. All constructions of the ego have then disappeared. Let go of everything really, completely let go. Let this continue until the natural condition reveals itself. Nothing could be easier, because you already are!
You sat down here in silence. What happened then? Look exactly at, what took place? First you turned outward when you talked to others, then you turned inward. A lot of tension was lost. Apparently there is a certain tension in your talking in the world. It disappears when you let go of the world and go in. See very clearly how your tension is. This is artificial, an artificial tension. Sometimes the artificiality is very clear. Everyone then experiences the contrast between the natural, spontaneous, harmonic on the one hand, and the artificial, the made on the other. Some people want to appear very beautiful or interesting and therefore they behave in a tense and made way, in a strongly constructed way. It is good to look at this in the first instance, so that the difference with naturalness is clear. When you see that clearly, you go back to the shapes and patterns that you can experience in yourself. How about there? You probably remember situations when you were tense, when you wanted to be more beautiful than you really are. Especially when it's an important occasion, you do your best to appear good. But even outside those specific situations you will have to understand what is natural and artificial in you.
Therefore, go back to yourself, to your emotional self, to the subtle plane that you can easily overlook. When you talk to others you can become aware of the way you talk to them.

vrijdag 19 februari 2021

Paul Smit. Van rode baret naar guru en neuromarketier. Een podcast met een van de populairste en meest gevraagde sprekers van dit moment

Foto: gemaakt door Guido Weijers

Paul Smit. Van rode baret naar guru en neuromarketier. Een podcast met een van de populairste en meeste gevraagde sprekers van dit moment. In deze podcast over Advaita in gesprek met Victor Hooftman van Advaita Nederland.

Ik appte Paul of ik kon langskomen, praten over Advaita. En dat kon. Dus hier de podcast. Zoals gewoonlijk praat ik weer veel te veel maar ik hoop dat het toch leuk is te luisteren. Paul is in vorm en weer helder als altijd. Veel plezier. 

Klik hier om de podcast te beluisteren! (Via Mixcloud)

Klik hier om de podcast te beluisteren via YouTube


En Paul is de beste verkocht Nederlandstalige Advaita schrijver. Hieronder de afbeelding van zijn nieuwe boekje.


donderdag 4 februari 2021

‘Zen is eigenlijk leren luisteren’, Ton Lathouwers


 Volgens de zenmeester hoeft het niet stil te zijn om stilte te vinden


Zenmeester Ton Lathouwers: ‘Zen is eigenlijk leren luisteren’.Beeld Jörgen Caris

Hoe helpt spiritualiteit bij het omgaan met onzekerheid? In de Maand van de Spiritualiteit vertellen mensen uit verschillende stromingen welk houvast hun overtuiging biedt. Vandaag: zenmeester Ton Lathouwers (88), die nog altijd zenretraites geeft.


“Ik ben streng katholiek opgevoed, met een vreselijke angst voor God en verdoemenis. Mijn angst voor de hel was groot: ik was ervan overtuigd dat ik het nooit goed genoeg kon doen, dus dat mij uitzichtloos lijden boven het hoofd hing. In 1970 – ik was toen hoogleraar Slavische letterkunde in Leuven – ging ik voor het eerst naar Japan. Ik had wel eerder gelezen over zen en meditatie, maar dat was boekenwijsheid. In Japan ontmoette ik mijn leraar Masao Abe en heb ik mij werkelijk op het zenpad begeven.



Zen is een stroming in het boeddhisme met een sterke nadruk op meditatie. Het gaat om stil worden, opmerken hoe die mallemolen in je kop maar doorgaat en luisteren naar wat er diep in je opkomt. Dat kan van alles zijn: een grenzeloos verlangen, twijfel, verwondering. Naar dat gevoel moet je luisteren, zelfs als het tegen je eigen logica ingaat. Zen is dus eigenlijk leren luisteren. Als dat je lukt, kun je als het ware opengaan. Het heeft ervoor gezorgd dat ik innerlijke rust heb gevonden, dat ik bevrijd ben van die enorme angst die ik in mij droeg.”


Anker

“Zen laat je inzien: stop met najagen. Dat drukt de houding van zen ook uit. Het gaat om wachten en waken, niet om grijpen en begrijpen. Het houvast zit niet in je ergens actief aan vastklampen, maar in openstaan om te ontvangen. Want het wonder is dat wanneer je stil en aandachtig bent, er iets naar je toekomt. Een verandering, een rust, een vertrouwen. Hoe dat precies werkt, valt niet te verklaren. En dat moet je ook niet willen. Je zou kunnen zeggen dat God dat Adam en Eva ook al probeerde duidelijk te maken: ‘Luister nou eens, geniet je te pletter, maar kijk uit dat je niet alles gaat verklaren want dan is het uit met het genieten. Dan wordt het leven koud en kil. Dan versteent het.’


Zaken als verwondering en liefde moet je niet stukpraten. Maar als ik toch een woord zou moeten geven aan wat ik in de zen gevonden heb, dan zou dat ‘genade’ zijn. Dat is een christelijk woord, maar het kent een oosters equivalent: prasadh. Dat betekent zowel ‘genade’ als ‘oneindig vertrouwen’, is dat niet prachtig? Prasadh gaat over wat niet meer uit je ‘ik’ komt. Dan zijn we geneigd te zeggen: dan is het dus ‘de ander’ of ‘het andere’. Maar als je dat zegt, zit je nog steeds in je ‘ik’ vast. Terwijl het bij prasadh juist niet meer om ik, maar ook niet om de ander gaat. Dat valt niet logisch te snappen. We kunnen hoogstens iets stamelen. En dan noem ik het maar ‘genade’.”


Citaat

“De eerste gelofte van het boeddhisme is: ‘Hoe talloos de levende wezens ook zijn, ze worden allen bevrijd’. Die onvoorwaardelijke solidariteit van de redding heeft mij zeer geraakt. Je vindt die gedachte trouwens ook op andere plekken, zoals bij Martin Buber en Dostojevski. Niemand zal achterblijven. Als de goeden al gered worden, dan worden de anderen zeker gered; voor hen heeft de Boeddha deze gelofte afgelegd. Met redden bedoel ik: de vervulling van ons verlangen om thuis te komen, innerlijke vrijheid te vinden.


In de zen noemen we dat ook wel ‘de vrede van het hart’. Die is niet alleen voor jou bedoeld, maar voor alles en iedereen. Het wordt nooit egoïstisch: als ik maar gered word. Nee, iedereen verdient dat. Tijdens mijn eerste gesprek met Masao Abe voelde ik me moreel mislukt, had ik innerlijk geen enkel houvast en voelde ik me nergens aanvaard. En toen zei hij tegen mij: ‘Je bent aanvaard, precies zoals je bent, precies hier en nu’. Die woorden hebben grote indruk op mij gemaakt. Het was een volledige acceptatie, met alle brokstukken erbij. Een acceptatie die zelfs ‘ja’ zegt tegen de onmacht, de verlorenheid, de verscheurdheid. Dat is een vorm van heelheid waarin het woord ‘heel’ nog oplicht in zijn oorspronkelijke betekenis: als ‘heil’.”



Tip

“Probeer elke dag even de stilte in te gaan. Ik mediteer zelf ’s ochtends en ’s avonds een half uur. Maar je kunt ook, op het moment dat je merkt dat je je op sleeptouw laat nemen door die computer in je hoofd, even één, twee, vijf minuten stilzitten en focussen op je adem. Het zal altijd iets met je doen, ook als je niets van zen afweet. Onthoud daarbij: om stilte te vinden, hoeft het niet stil te zijn.


Innerlijke stilte is altijd in jou te vinden, ook midden in de stad met lawaaiige buren. Mijn eerste meditatiesessie in Kyoto vond plaats onder een brug waar elke vijf minuten een metro overheen denderde. Dus probeer het maar eens. En als het niet meteen lukt om rust te vinden in de stilte: blijf vooral glimlachen.”

maandag 28 december 2020

The end of the story ... Einde verhaal ...

 


(with original English text)

en je hebt het gevoel dat je het einde van je verhaal hebt bereikt

 al dat zoeken ...

 in boeken turen in woorden onder de letters

 tussen de pagina's

 heeft je nooit naar het antwoord geleid

 en je begint eraan te twijfelen of er een antwoord is

 je hebt de rand van de bekende wereld bereikt

 er zijn geen tekenen meer

 je kunt nergens heen kijken

 er is geen volgende ...

 je draait je om en er is geen weg terug


 en je zult misschien beginnen op te merken dat alle woorden door andere woorden worden gedefinieerd

 en alle concepten alle ideeën alle geloof is gemaakt van nog meer ideeën en dat dit denken van deze ideeën eenvoudig is

 meer ideeën

 meer concepten

 ... en ze worden allemaal bij elkaar gehouden in een beeld van hoe uw wereld eruit ziet en wat het niet is ...


 geloofslagen als een horzelnest van papier

 brieven geschreven door niemand samengebonden met een reeks gedachten die zegt: 'dit is mijn wereld'

 'hier ben ik' in deze wereld van wervelende overtuigingen, een melkweg van concepten die op de een of andere manier bij elkaar lijken te passen in een kostuum dat je draagt


 en misschien begin je je af te vragen of er iemand in deze mentale constructie van overtuiging zit 

  het afbrokkelen begint

 onder het gewicht van onwetendheid


 er lijkt misschien een naaktheid onder het masker van papier-maché te zijn

 dat niemand draagt

 maar dat zijn gewoon meer ideeën

 het invullen van de leegte

 proberen een licht te vinden

 in het donker

 als er geen licht is

 of donker


Nancy Neithercut 


and you feel like you have reached the end of your story

all that seeking...

peering into books into words under the letters 

in-between the pages

has never led you to the answer

and you are beginning to doubt that there is an answer

you have reached the edge of the known world

there are no more signs

you cannot see anywhere to go

there is no next...

you turn around and there is no back


and you may begin to notice that all words are defined by other words

and all concepts all ideas all belief is made of yet more ideas and that this thinking of these ideas is simply

more ideas

more concepts

....and all are held together in a picture of what your world is like and what it is not...


layers of belief like a hornets nest of paper

letters written by no one tied together with a string of thought that says, 'this is my world'

'here I am' in this world of swirling beliefs, a galaxy of concepts that somehow seem to fit together in a costume that you wear


and you may begin to wonder if the idea that there is a someone inside this mental construction of belief that is

crumbling

under the weight of unknowing


there may seem to be a nakedness under the paper mâché mask 

that no one wears

but that is simply more ideas

filling in the blankness

trying to find a light

in the dark

when there is no light

or dark


Nancy Neithercut

zaterdag 19 december 2020

Douwe Tiemersma op Youtube

 Klik hier om de video's van Douwe Tiemersma te bekijken

Over Douwe Tiemersma

OVER DOUWE


Douwe Tiemersma (1945 – 2013) studeerde biologie en filosofie in Amsterdam. En was als biologiedocent aan de Pedagogische Academie verbonden. En vervolgens van 1974 tot 2003 als (hoofd)docent fenomenologie en interculturele filosofie aan de Faculteit der Wijsbegeerte van de Erasmus Universiteit Rotterdam.


Douwe promoveerde in 1989 op een studie naar Merleau-Ponty: “Body schema and body image. An interdisciplinary and philosophical study”. Zijn hart lag bij de oosterse filosofie. Hij besprak in zijn mastercolleges met een selecte groep studenten de filosofie van non-dualiteit. Douwe was daarnaast sinds 1972 yogaleraar. Hij richtte yogacentrum de Ruimte in Gouda op.


Na zijn ingrijpende ontmoeting (1980) met Sri Nisargadatta Maharaj in Bombay, die hem een inwijding gaf (brief), richtte hij het Advaita Centrum op. Een ontmoetings-, studie- en ontspannings-plek in het Centrum van Gouda. Gericht op de herkenning en de realisatie van non-dualiteit.




Douwe heeft met veel toewijding en energie het Advaita Centrum tot volle bloei gebracht, tot vlak voor zijn overlijden was hij er dagelijks actief. Hij fungeerde als advaitaleraar en geestelijk leider. Vele vrijwilligers hielpen belangeloos bij de organisatie van allerlei activiteiten.


Douwe gaf elke week op woensdagavond een twee uur durende satsang in het Advaita Centrum in Gouda. En hij was mede-oprichter en eindredacteur van het blad InZicht, wegen van radicaal zelfonderzoek.


Maandelijks verstuurde hij een digitale nieuwsbrief Advaita Post met teksten over de Openheid (AP archief). Douwe gaf daarnaast lessen in pranayama, meditatie en hathayoga vanuit het advaita perspectief. Hij richtte een eigen uitgeverij op, schreef boeken (boekenlijst). In allerlei tijdschriften verschenen zijn teksten (teksten). Van bijeenkomsten en interviews zijn audio- (audio) of video-opnamen beschikbaar (video). Hij verzorgde symposia, lezingen, bijeenkomsten door heel Nederland, België en ver daarbuiten.


Daarnaast organiseerde Douwe regelmatig advaita-dagen, -weekenden en -weken. Vermaard waren de retraite-weken op Schiermonnikoog vier maal per jaar. Met meditatie in het ochtendgloren in de duinen, bovenop de bunker “de Wassermann” of met de voeten in het opkomende water aan de vloedlijn. Yogales in de open lucht of bij slecht weer in Egbertsduin. Een gezamenlijke nachtwandeling door het bos, wadlopen bij laag water of oefeningen op het lege brede strand. Een in Eenheid samenzijn op “Vredenhof” of een stiltemeditatie bovenop de vuurtoren. Elke avond het vaste ritueel: satsang in de St. Egbert kapel aan de Badweg.


Duizenden mensen bezochten zijn satsangs, lezingen, retraites en bijeenkomsten. Altijd stond de liefdevolle gerichtheid op Openheid centraal.


Douwe overleed op 3 januari 2013 aan de gevolgen van slokdarmkanker.


“Moge zijn gedachtegoed eeuwig levend blijven”


Maar heel weinig mensen hebben begrepen en verwerkt waarover ik steeds heb gesproken. En alleen zulke mensen kunnen zulke diepgaande brieven schrijven, die hoewel kort, vol inhoud zijn.

Shri Nisargadatta Maharaj

zaterdag 5 december 2020

Mystiek zonder schokdempers van Paul van der Sterren

 


Over Advaita zijn veel boeken geschreven. Sommige pakken je, sommige niet. Als je al veel gelezen hebt verminderd de lust tot lezen. Verminderd de lust tot YouTube filmpjes kijken. Maar dan komt er opeens weer een boekje uit die het andere aanpakt. Luchtig en verfrissend. Een boekje voor onder de kerstboom maar ook met de diepte van de paradox. En dat is het boekje wat ik wil aanraden en waar ik veel plezier aan beleef. 

Het boekje is geschreven door Paul van der Sterren. Ooit topschaker van beroep, nu vooral schrijver, van schaakboeken én Advaita boeken (zijn vijfde over Advaita).

Dus koop 'Mystiek zonder schokdempers'.

Een boek vol zorgvuldig gerangschikte woorden en het gaat nergens over. 

Korte, krachtige gedichten proberen de lezer uit zijn comfortzone te rukken. De lezer wordt niet aan het denken gezet, maar juist uit zijn denken gehaald. Non-dualiteit, mystiek, advaita, religie en christendom, filosofie en poëzie, in Mystiek zonder schokdempers wordt het allemaal in de kookpot gegooid en met flink roeren tot zijn authentieke eenheid teruggebracht.

Voor lezers van de blog Advaita Nederland of de Facebookgroep Advaita Nederland direct bij Paul te bestellen via psterren@xs4all.nl. U betaalt dan GEEN verzendkosten!!

Of via BolCom. https://www.bol.com/nl/p/mystiek-zonder-schokdempers/9300000019087909/. Dan betaalt u wel verzendkosten. 

Houd wel rekening met de Disclaimer!



Spiritueel narcisme (overgenomen uit de Trouw)

 

Spiritueel superieur

Spiritueel narcisme: wanneer de yogastudent iets té ver boven zichzelf uitstijgt

Beeld Nanne Meulendijks

Spiritualiteit zou je boven je ego moeten verheffen, maar blijkt vaak het ego te voeden. ‘Iedereen zou beter af zijn met mijn inzichten’, krijg je dan. Twee psychologen verklaren dit spiritueel narcisme.

Oh, dat verraderlijke ego. De Tibetaanse meditatiemeester Chögyam Trungpa waarschuwde er geregeld voor. Hij vertaalde boeddhistische meditatielessen voor een westers publiek, en sprak tijdens lezingen over de valkuil van het ‘spirituele materialisme’. We kunnen onszelf wijsmaken dat we ons geestelijk ontwikkelen, terwijl we eigenlijk bezig zijn om aardse doelen na te streven, zoals succes behalen, ontstressen of creatiever worden. Het draait dan nog steeds om het ‘ik’ dat iets wil bereiken, vond hij. “Het ego kan alles naar zijn hand zetten, zelfs spiritualiteit.”

In spirituele tradities zoals mindfulness, meditatie en yoga is loslaten van het ego het streven. De yoga-beoefenaar moet bijvoorbeeld ‘te allen tijde te werk gaan met een waakzaam oog op het ego’, schrijft de yoga-filosoof Sri Aurobindo. Dat dit een moeilijke, zo niet onmogelijke, opgave is, weten niet alleen goeroes, maar ook sociaal psychologen.

“Het ego is dat stemmetje vanbinnen dat altijd zegt: ik wil bijzonderder, leuker en beter zijn dan anderen”, vertelt Roos Vonk, hoogleraar sociale psychologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. En hoewel we het liever niet toegeven, heeft dat stemmetje vaak het hoogste woord, zonder dat we ons daarvan bewust zijn. 

Vonk publiceerde in het European Journal of Social Psychology onlangs een studie over een bijzondere paradox. Door spirituele training zouden beoefenaars van mindfulness en energetische trainingen – bijvoorbeeld op het gebied van reiki, paranormale gaven of aura’s – langzaam boven hun eigen ‘ik’ moeten uitstijgen. Dat is immers het doel van spirituele ontwikkeling. Toch gebeurt vaak het tegenovergestelde. “Na spirituele training voelen deelnemers zich op bepaalde gebieden superieur aan anderen.” Met name energetisch geschoolden hebben dat gevoel. Uit onderzoek van Vonk blijkt dat deze spirituele superioriteit is gerelateerd aan narcisme. Haar werk sluit aan bij onderzoek van Jochen Gebauer. De Duitse sociaal psycholoog constateerde na een studie onder yogastudenten en meditatiebeoefenaars dat zij niet bescheidener zijn geworden, maar juist stérker geloven in hun eigen kunnen.

Daarmee is niet gezegd dat spirituele training alleen maar zelfingenomen kwasten voortbrengt. Ook willen de onderzoekers hiermee niet het boeddhisme, yogascholen of energetische trainingen bekritiseren. Maar ze illustreren het bestaan van een universeel menselijk trekje: de neiging tot zelfverheffing. Daar zijn we allemaal gevoelig voor, spiritueel getraind of niet. En het bijzondere is: dat hoeft helemaal niet zo slecht te zijn als het klinkt. Zoals Vonk het zegt: “Er zijn veel psychologen die stellen dat het gezond is om een te rooskleurig beeld van jezelf te hebben.”

Vraag maar eens aan automobilisten hoe goed ze kunnen rijden, zegt Vonk. “Dan zegt 70 procent dat ze beter rijden dan anderen.” Een deel van die mensen zal gelijk hebben, een deel ook niet. Die laatste groep lijdt aan ‘illusoire superioriteit’. En de illusie dat we ergens beter in zijn dan anderen, treft velen van ons. Sterker nog, zegt Vonk, de meeste psychologisch gezonde mensen, die bijvoorbeeld niet in een depressie zitten, hebben een gunstig beeld van zichzelf en zijn geneigd tot zelfverheffing.

Nu is het niet zo dat we onszelf zomaar in alles beter, knapper en intelligenter vinden dan anderen. Dat gebeurt vooral op gebieden die belangrijk zijn voor onze identiteit, legt Vonk uit. Stel dat je goed bent in je werk, je verdient veel geld en je bent hoog opgeklommen, dan is dat belangrijk voor je zelfbeeld. “Als iemand dan zegt: je ziet er niet zo leuk uit, dan maakt dat niet zoveel uit. Want aan dat gebied is je zelfwaardering niet gekoppeld.” Zo vindt de één zichzelf moreler dan anderen, de ander intelligenter, weer een ander knapper. “Mensen verschillen daarin van elkaar.”

Vonk was benieuwd of spiritualiteit ook zo’n bron van zelfwaardering kan zijn. “Spirituele ontwikkeling staat in theorie in dienst van het overstijgen van je ego. Maar als je spiritualiteit gaat gebruiken om je ego te voeden, dan schiet je daar niks mee op. Dat maakte me nieuwsgierig.”

En dus ontwikkelde ze een vragenlijst om het gevoel van spirituele superioriteit te meten. Daarmee ondervroeg ze onder meer 113 mindfulnesscursisten en 232 energetische therapeuten en cursisten, die bijvoorbeeld werken met chakra’s, aura’s en healing. Ze kregen vragen voorgelegd als: ‘De wereld zou een betere plek zijn als anderen ook de inzichten hebben die ik nu heb’, ‘Ik help anderen op de weg naar grotere wijsheid en inzicht’ en ‘Ik heb meer besef van wat er tussen hemel en aarde is dan de meeste mensen’.

Aura’s, chakra’s en vorige levens

Vonk legde haar vragenlijsten ook voor aan 861 respondenten die nooit een spirituele training hadden gevolgd. Zo kon ze de groepen vergelijken en concluderen dat de mindfulnessgroep op spirituele superioriteit iets hoger scoorde dan de mensen zonder training. Het verschil tussen die groepen bleek wel klein, zegt Vonk. Maar de energetisch geschoolden scoorden aanzienlijk hoger dan de mindfulnesscursisten. Zij bleken een grote ‘bovennatuurlijke zelfoverschatting’ te kennen, getuige hun hoge scores op vragen als: ‘Ik kan van een afstand positieve energie naar anderen sturen’. Ook vonden velen van hen dat ze een goede gids zouden zijn voor anderen.

Zelfverheffing bestaat dus ook op gebied van spiritualiteit, concludeerde Vonk. En cursisten die een training volgen op energetisch gebied – aura’s, chakra’s, healing en reiki – hebben de hoogste kans om aan spirituele superioriteit ten prooi te vallen.

Volgens Vonk zijn er twee verklaringen voor het verschil met de mindfulnessgroep. Allereerst trekken de twee soorten trainingen verschillende soorten mensen. “De energetische trainingen zijn gebaseerd op dingen die volgens de gevestigde wetenschap niet bestaan: aura’s, chakra’s en mensen terugbrengen naar vorige levens. Ik vermoed dat cursisten naar zo’n school gaan omdat ze menen gaven hebben op dat gebied, dat ze dingen waarnemen die anderen niet zien. Dat is op zichzelf al een vorm van illusoire superioriteit.”

Daarnaast wordt in mindfulnesstrainingen meestal expliciet aandacht besteed aan de valkuil van het ego. “Wie gaat mediteren, denkt op een gegeven moment ‘ik kan dit best wel goed’. Dan leer je bij mindfulness om die gedachten te observeren, en te herkennen: hé, daar gaat mijn ego. Daar moet ik iets aan doen.”

De gemeenschapsnarcist

Is er per definitie iets mis met jezelf superieur voelen aan de ander? Het heeft voor- en nadelen, zegt Vonk. “Mensen met een hoge zelfwaardering staan over het algemeen relaxter in het leven.” Ze gaan makkelijker een uitdaging aan, en ze gaan meer ontspannen met anderen om. “Mensen die heel onzeker zijn kunnen lastiger in de omgang zijn, ze hebben veel bevestiging nodig.” Nadelen zijn er echter ook. Zo win je er niet perse sympathie mee bij anderen, als je een superieure houding aanneemt. En mensen die zich superieur voelen staan niet meer open voor kritiek.

Spirituele superioriteit heeft ook een narcistische component, ontdekte Vonk. Al zullen spiritueel getrainden niet zo snel hoog scoren op een klassiek narcistische schaal. “Ze zullen zichzelf liever niet specialer en competenter noemen dan anderen.”

In haar onderzoek nam ze daarom een vragenlijst op die gaat over een ander type narcisme, sinds begin deze eeuw in de wetenschappelijke literatuur terug te vinden als communal narcissism, gemeenschapsnarcisme. Het gaat om het type narcist dat graag bewonderd wordt om zijn goede daden, contacten met anderen en luisterend vermogen. ‘Ik ben de meest behulpzame persoon die ik ken’, zou zo’n gemeenschapsnarcist kunnen zeggen. Of ‘ik heb een hele positieve invloed op anderen, en ‘mensen zullen me later herinneren vanwege mijn goede daden’. Het is zelfoverschatting, in een sociale mal gegoten. En Vonk zag wederom met name de energetisch getrainden hoog scoorden op de schaal voor gemeenschapsnarcisme.

Jochen Gebauer, hoogleraar sociale psychologie aan de universiteit van Mannheim had eerder onderzoek gedaan naar gemeenschapsnarcisme, en aangetoond dat religieuze mensen hoger scoren op deze schaal. “Klassiek narcisme en gemeenschapsnarcisme zijn eigenlijk twee kanten van dezelfde medaille”, zegt Gebauer. Klassieke narcisten domineren en beroepen zich op hun persoonlijke bekwaamheid, ze willen ‘de beste’ gevonden worden. Gemeenschapsnarcisten verzorgen en beroepen zich op hun aardigheid, ze willen graag als de meest behulpzame worden gezien. Het is belangrijk dat onderscheid te maken, zegt hij, omdat het laat zien dat mensen hun neiging tot zelfoverschatting op verschillende manieren uiten.

Een betere band met God

Toch blijft het naar klinken; niemand wil toch een narcist genoemd worden? Dat merkt Gebauer vaker: “Mensen voelen zich beledigd als ik schrijf dat ze aan zelfverheffing doen. Vat het niet extremer op dan het is. Als onderzoeker zeg ik: zelfverheffing is eigenlijk helemaal niet zo slecht. Het is vrij duidelijk dat het psychologisch gunstig is om jezelf te overschatten. Mensen die dat doen zijn gelukkiger, hebben een hoger zelfbeeld en zijn minder depressief.”

Gebauer was de afgelopen decennia nauw betrokken bij het wetenschappelijk onderzoek naar zelfoverschatting. Het veld heeft zich enorm ontwikkeld, zegt hij.

Toen eenmaal duidelijk was dat de meeste mensen in de Westerse wereld aan zelfoverschatting doen, vroegen onderzoekers zich af hoe dit in Azië zou zijn. Er werden studies opgezet in Japan en China. Daarin leken Aziaten veel realistischer over hun eigen kunnen. Tot duidelijk werd dat ondervraagden in China en Japan zich op heel andere terreinen wat beter voordeden dat ze waren. Zo noemden ze zich ‘een heel goede vader’ en ‘een uitstekende collega’.

Zelfoverschatting bestond ook daar, maar dan op terreinen die belangrijker waren voor hún identiteit. En die terreinen verschillen dus per cultuur. Zelfoverschatting is een universeel menselijk trekje, concludeerde de wetenschap, maar de terreinen waarop die tot uiting komt verschillen per cultuur.

Maar daarop kwam de kritiek, dat religies en spiritualiteit die zelfoverschatting tenietdeden. Gebauer: “Het christendom zou door zijn nadruk op nederigheid zorgen dat mensen zich bescheidener zouden opstellen.” Onzin, vonden Gebauer en collega’s. Ze toonden in studies aan dat christenen ook aan zelfverheffing doen, maar dan op andere terreinen. Zo vinden bijvoorbeeld dat ze ‘een betere band met God’ hebben dan anderen.

Toen vervolgens mensen claimden dat yoga en meditatie ervoor zouden zorgen dat het ‘zelf’ uit beeld zou verdwijnen, besloot Gebauer ook deze claim te onderzoeken. Hij volgde in 2018 92 yogastudenten en 116 meditatieleerlingen in verschillende studies. Hij verdeelde ze in twee groepen, de ene groep vulde na een sessie yoga of meditatie vragenlijsten in. De andere groep beantwoordde de vragen juist na een periode zonder oefening.

Wat bleek? De leerlingen die net hun les in yoga of meditatie hadden ondergaan, dachten dat ze beter waren in yoga-houdingen of ademhalingsoefeningen dan anderen. Dat is helemaal niet vreemd, zegt Gebauer. “Zo werkt het met alles: zodra we een vaardigheid beter onder de knie krijgen, wordt het belangrijker voor ons, en gaan we onszelf overschatten.”

En zo werkt het dus paradoxaal genoeg ook met oefeningen die erop gericht zijn het ego minder belangrijk te maken. Waarmee de spirituele goeroes die waarschuwen voor dat geniepige ego toch ook gelijk lijken te hebben. Let je even niet op, overschat je jezelf alweer.