Populaire berichten
-
Douwe Tiemersma is vanochtend op 7 minuten over 5 overleden. We zullen hem als persoon en als leermeester missen.
-
Ik heb een week of 4 geleden deze teksten beluisterd. Ik ga het nog een keer doen. Hele mooie zomercursus van Alexander Smit. In 7 dagen, ...
-
Hier een nieuw gratis boek in het Nederlands vertaalt van Nisargadatta Maharaj! De Godfather van de Nederlandse Advaita. Vertaling vanuit h...
dinsdag 3 augustus 2021
Advaita en Nisargadatta MAHARAJ, de kern door Douwe Tiemersma
zondag 4 juli 2021
Ben je slechts een concept? Wouter van Oord
maandag 3 mei 2021
Naastenliefde en Advaita (deel 1) , Douwe Tiemersma
Naastenliefde en Advaita (deel 1)
Douwe: Heeft de Advaita Vedanta weinig oog voor het praktische samenleven en de naastenliefde daarin? Sommigen beweren dat, en dat is begrijpelijk, maar het is een misverstand. Het is de moeite waard om preciezer hiernaar te gaan kijken.
Je terugtrekken
De Advaita Vedanta is een stroming die teruggaat op de Upanishaden, de laatste onderdelen van de Veda’s. Zij zijn geschriften met het essentiële onderricht van goeroes aan besloten groepen van leerlingen. Het essentiële onderricht betreft de meditatie bij vuuroffers, maar vooral de identiteit van het echte zelf-zijn (Âtman) met de wereldgrond (Brahman). De realisatie van deze identiteit betekent bevrijding (moksa).
Daarop waren de mensen in die besloten groepen gericht. Zij waren uit de maatschappij gestapt om zich hieraan volledig te wijden. In India is er nog steeds een duidelijke, geaccepteerde plaats voor mensen die zich volledig toeleggen op dat wat ze zien als het essentiële. Iets dergelijks is er in het Westen ook, namelijk bij de monniken voor zover zij zich in kloosters terugtrekken. Dat er dan minder contact is met het alledaagse samenleven in de familie, het dorp, het land ligt dan voor de hand.
De terugtrekking uit de maatschappij stond in dienst van een spirituele weg. Talrijk zijn de benaderingen van het hoogste Brahman in de Upanishaden vanuit het fysieke, bijvoorbeeld via de energie (prâna), de geest, de goden en het zelf-zijn. Dit betekent een inkeer en meditatie die zover gaat dat alle verschijnselen met naam en vorm (nâmarûpa) worden overschreden. Pas in de realisatie van het absolute, Âtman-Brahman zonder eigenschappen, komt de beweging tot rust. Ten opzichte van dit hoogste is de wereld een erg betrekkelijke werkelijkheid van verschijnselen. Als men op deze wijze gericht is op het hoogste, is er weinig aandacht voor het concrete leven met andere mensen. De critici van Advaita Vedanta lijken gelijk te hebben.
Openkomen
Toch is er iets anders aan de hand. Laten we precies gaan kijken wat er gebeurt, als je je richt op het hoogste Zijn-Zelfzijn. Het is een meditatieve inkeer in de richting van de bron van zelf-zijn. Dit inkeren lijkt een zich afkeren van de wereld, maar wat gebeurt er werkelijk? Heel wonderlijk: hoe verder je naar binnen gaat, des te opener je wordt. Deze twee dingen lijken in tegenspraak met elkaar te zijn, maar dat is het niet. Verder naar binnen gaan is een ontspanning, waardoor het zelf-zijn ruimer wordt. In die grotere ruimte is er meer ruimte voor de anderen, voor de wereld. De inkeer is ontspanning; ontspanning is open komen. Daarom is het woord Openheid als een van de weinige woorden geschikt om het hoogste aan te duiden: niets wordt uitgesloten; alles wordt geaccepteerd als het eigene.
Deze beweging heeft een duidelijk bewustzijnsaspect. De inkeer is een bewustwording. De inkeer kan beschreven worden als een onderzoek, een onderzoek van je zelf-zijn, waardoor je zelf verandert. Er is de herkenning van een ruimer zelf-zijn dan de verkrampte vorm van het egocentrische zelf, een bewustwording van de openheid waarin zelf-zijn en het zijn van anderen niet verschillend zijn.
Gevoelsmatig vindt er hetzelfde plaats. Je wordt je bewust van je gevoelens, van je gevoelsmatige energie, van je hartenergie. In het alledaagse egocentrische leven wordt deze voor een groot deel vastgehouden in een ik-kern (ego). Dit ego is niets anders dan een brok energie die in een punt wordt geconcentreerd. Bij het naar binnen gaan is er ontspanning en hierdoor komt je gevoelsenergie vrij. Deze gevoelsmatige zelf-energie - die ben je zelf - kan dan naar buiten stromen. Dat is liefde naar anderen toe. Je houdt je zelf-zijn niet vast in een centrum, maar bent gedecentreerd, in alle andere levende wezens gestroomd. Het zelf-zijn van jezelf valt dan samen met het zelf-zijn van de anderen. Zelf ben je de ander zelf. Je ziet je zelf in alles en alles in je zelf.
In de Ishâ Upanishad 6 staat
‘Wie al wat hier op aarde leeft en beweegt en is,
ziet als in het eigen zelf,
en dat zelf weer levend in al wat is,
die kent geen haat of afkeer meer.’
In de Bhagavadgîtâ is te lezen (6.29):
‘Degene wiens zelf een geheel is geworden door yoga, ziet
zichzelf in alle wezens en alle wezens in zichzelf ...’
Is dat niet de betekenis en de volledige honorering van het tweede grote gebod van de christenen: ‘Heb uw naaste lief als uzelf’? (Matteüs 22.39) Dat liefhebben is niet mogelijk in een dualiteit, als je zelf losstaat van de ander: ik ben ik en de ander is een ander. Het is alleen mogelijk voor zover je eigen zelf ook het zelf is in de ander. Dan is liefde een vanzelfsprekendheid.
Yâjñavalkya zegt: “Het is niet om de man dat de man dierbaar (priya) is, maar om Âtman is de man dierbaar; het is niet om de vrouw dat vrouw dierbaar is, maar om Âtman is de vrouw dierbaar,” enzovoort (Brhadâranyaka Upanishad 4.5.6). Liefde is geen ding dat je kunt geven; het is de sfeer laten ontstaan waarin er geen gescheidenheid meer is tussen het eigen zelf-zijn en het zelf van de ander. De tweeheid is dan overgegaan in een non-dualiteit (a-dvaita).
Dat geldt ook voor het eerste grote gebod uit hetzelfde bijbelboek: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand’. ‘God is liefde’ en ‘Ieder die liefheeft is uit God geboren en kent God.’ (1 Johannes 4.7-8). Gods liefde blijft dan in hem of haar, en hij/zij in God als liefde. Er zijn veel culturele verschillen tussen het hindoeïsme en het christendom, en er zijn veel teksten over het moeizame of zondige alledaagse leven, maar in de essentie gaat het om hetzelfde.
zondag 2 mei 2021
“I WRITE BOOKS ABOUT ACCEPTANCE...BUT I JUST CANNOT ACCEPT THIS” (Jeff Foster) (Zie de Nederlandse vertaling achter de Engelse tekst!)
zaterdag 10 april 2021
Een vrolijke mijmering ...(Wouter van Oord)
maandag 15 maart 2021
Teksten en artikelen over Advaita Vedanta om te downloaden
zondag 7 maart 2021
Gij zijt dat ... maar wat betekent dat dan eigenlijk, zijn die Mahavakyas ook nu nog geldig?? (J. Krishnamurti)
vrijdag 5 maart 2021
Bestaat non-duaal bewustzijn van Peter Sas
dinsdag 2 maart 2021
Douwe Tiemersma ook in het Arabisch
donderdag 25 februari 2021
vrijdag 19 februari 2021
Paul Smit. Van rode baret naar guru en neuromarketier. Een podcast met een van de populairste en meest gevraagde sprekers van dit moment
Foto: gemaakt door Guido Weijers
Paul Smit. Van rode baret naar guru en neuromarketier. Een podcast met een van de populairste en meeste gevraagde sprekers van dit moment. In deze podcast over Advaita in gesprek met Victor Hooftman van Advaita Nederland.
Ik appte Paul of ik kon langskomen, praten over Advaita. En dat kon. Dus hier de podcast. Zoals gewoonlijk praat ik weer veel te veel maar ik hoop dat het toch leuk is te luisteren. Paul is in vorm en weer helder als altijd. Veel plezier.
Klik hier om de podcast te beluisteren! (Via Mixcloud)
Klik hier om de podcast te beluisteren via YouTube
En Paul is de beste verkocht Nederlandstalige Advaita schrijver. Hieronder de afbeelding van zijn nieuwe boekje.
vrijdag 12 februari 2021
Sam Harris & Rupert Spira debate the primacy of consciousness (excerpt)
donderdag 4 februari 2021
‘Zen is eigenlijk leren luisteren’, Ton Lathouwers
Volgens de zenmeester hoeft het niet stil te zijn om stilte te vinden
Zenmeester Ton Lathouwers: ‘Zen is eigenlijk leren luisteren’.Beeld Jörgen Caris
Hoe helpt spiritualiteit bij het omgaan met onzekerheid? In de Maand van de Spiritualiteit vertellen mensen uit verschillende stromingen welk houvast hun overtuiging biedt. Vandaag: zenmeester Ton Lathouwers (88), die nog altijd zenretraites geeft.
“Ik ben streng katholiek opgevoed, met een vreselijke angst voor God en verdoemenis. Mijn angst voor de hel was groot: ik was ervan overtuigd dat ik het nooit goed genoeg kon doen, dus dat mij uitzichtloos lijden boven het hoofd hing. In 1970 – ik was toen hoogleraar Slavische letterkunde in Leuven – ging ik voor het eerst naar Japan. Ik had wel eerder gelezen over zen en meditatie, maar dat was boekenwijsheid. In Japan ontmoette ik mijn leraar Masao Abe en heb ik mij werkelijk op het zenpad begeven.
Zen is een stroming in het boeddhisme met een sterke nadruk op meditatie. Het gaat om stil worden, opmerken hoe die mallemolen in je kop maar doorgaat en luisteren naar wat er diep in je opkomt. Dat kan van alles zijn: een grenzeloos verlangen, twijfel, verwondering. Naar dat gevoel moet je luisteren, zelfs als het tegen je eigen logica ingaat. Zen is dus eigenlijk leren luisteren. Als dat je lukt, kun je als het ware opengaan. Het heeft ervoor gezorgd dat ik innerlijke rust heb gevonden, dat ik bevrijd ben van die enorme angst die ik in mij droeg.”
Anker
“Zen laat je inzien: stop met najagen. Dat drukt de houding van zen ook uit. Het gaat om wachten en waken, niet om grijpen en begrijpen. Het houvast zit niet in je ergens actief aan vastklampen, maar in openstaan om te ontvangen. Want het wonder is dat wanneer je stil en aandachtig bent, er iets naar je toekomt. Een verandering, een rust, een vertrouwen. Hoe dat precies werkt, valt niet te verklaren. En dat moet je ook niet willen. Je zou kunnen zeggen dat God dat Adam en Eva ook al probeerde duidelijk te maken: ‘Luister nou eens, geniet je te pletter, maar kijk uit dat je niet alles gaat verklaren want dan is het uit met het genieten. Dan wordt het leven koud en kil. Dan versteent het.’
Zaken als verwondering en liefde moet je niet stukpraten. Maar als ik toch een woord zou moeten geven aan wat ik in de zen gevonden heb, dan zou dat ‘genade’ zijn. Dat is een christelijk woord, maar het kent een oosters equivalent: prasadh. Dat betekent zowel ‘genade’ als ‘oneindig vertrouwen’, is dat niet prachtig? Prasadh gaat over wat niet meer uit je ‘ik’ komt. Dan zijn we geneigd te zeggen: dan is het dus ‘de ander’ of ‘het andere’. Maar als je dat zegt, zit je nog steeds in je ‘ik’ vast. Terwijl het bij prasadh juist niet meer om ik, maar ook niet om de ander gaat. Dat valt niet logisch te snappen. We kunnen hoogstens iets stamelen. En dan noem ik het maar ‘genade’.”
Citaat
“De eerste gelofte van het boeddhisme is: ‘Hoe talloos de levende wezens ook zijn, ze worden allen bevrijd’. Die onvoorwaardelijke solidariteit van de redding heeft mij zeer geraakt. Je vindt die gedachte trouwens ook op andere plekken, zoals bij Martin Buber en Dostojevski. Niemand zal achterblijven. Als de goeden al gered worden, dan worden de anderen zeker gered; voor hen heeft de Boeddha deze gelofte afgelegd. Met redden bedoel ik: de vervulling van ons verlangen om thuis te komen, innerlijke vrijheid te vinden.
In de zen noemen we dat ook wel ‘de vrede van het hart’. Die is niet alleen voor jou bedoeld, maar voor alles en iedereen. Het wordt nooit egoïstisch: als ik maar gered word. Nee, iedereen verdient dat. Tijdens mijn eerste gesprek met Masao Abe voelde ik me moreel mislukt, had ik innerlijk geen enkel houvast en voelde ik me nergens aanvaard. En toen zei hij tegen mij: ‘Je bent aanvaard, precies zoals je bent, precies hier en nu’. Die woorden hebben grote indruk op mij gemaakt. Het was een volledige acceptatie, met alle brokstukken erbij. Een acceptatie die zelfs ‘ja’ zegt tegen de onmacht, de verlorenheid, de verscheurdheid. Dat is een vorm van heelheid waarin het woord ‘heel’ nog oplicht in zijn oorspronkelijke betekenis: als ‘heil’.”
Tip
“Probeer elke dag even de stilte in te gaan. Ik mediteer zelf ’s ochtends en ’s avonds een half uur. Maar je kunt ook, op het moment dat je merkt dat je je op sleeptouw laat nemen door die computer in je hoofd, even één, twee, vijf minuten stilzitten en focussen op je adem. Het zal altijd iets met je doen, ook als je niets van zen afweet. Onthoud daarbij: om stilte te vinden, hoeft het niet stil te zijn.
Innerlijke stilte is altijd in jou te vinden, ook midden in de stad met lawaaiige buren. Mijn eerste meditatiesessie in Kyoto vond plaats onder een brug waar elke vijf minuten een metro overheen denderde. Dus probeer het maar eens. En als het niet meteen lukt om rust te vinden in de stilte: blijf vooral glimlachen.”









